e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=P108p plaats=Grazen (WBD)

Overzicht

Gevonden: 98

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
[falie] voile (fr.): voeël (Grazen (WBD)) sluierdoek, zwarte ~ die over hoofd en schouders wordt gedragen, gewoonlijk in de rouwtijd [vaol, voeël, falje, falie, slöjer, linao] [N 23 (1964)] III-1-3
[kazavek?] kazavek: kazevek (Grazen (WBD)) kasjevék, in de betekenis van vrouwenmantel; betekenis/uitspraak [N 23 (1964)] III-1-3
binnenzak binnentas: bennetäs (Grazen (WBD)) binnenzak van een jas [binnetes] [N 23 (1964)] III-1-3
bont als apart kledingstuk pels: pels (Grazen (WBD)), vos: vos (Grazen (WBD)) bont, zachtharig dierenvel (das, vos, e.d.) als los kledingstuk [poes, pels, mansjel] [N 23 (1964)] III-1-3
bontkraag pelsen kraag: pelse kroëg (Grazen (WBD)) kraag van bont [N 23 (1964)] III-1-3
bontmantel pelsen jas: pelse jas (Grazen (WBD)) bontmantel [N 23 (1964)] III-1-3
boordenknoopje colknopje (<fr.): kolknupke (Grazen (WBD)) boordeknoopje [N 23 (1964)] III-1-3
borstzak(je) boventasje: bouvetäske (Grazen (WBD)), pochettasje (<fr.): pochettäske (Grazen (WBD)) pochetzakje, borstzak [N 23 (1964)] III-1-3
bretel help: helepe (Grazen (WBD)) bretels, stel schouderbanden om de broek op te houden [N 23 (1964)] III-1-3
broek met split fluitjesbroek: fluitjesbroek (Grazen (WBD)) broek met een split aan de voorkant [fluitjesbroek] [N 23 (1964)] III-1-3