e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=P213p plaats=Niel-bij-St.-Truiden

Overzicht

Gevonden: 1032
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
boterham van wit en zwart brood snede: Syst. Frings  snɛi̯ (Niel-bij-St.-Truiden) Boterham van wit en zwart brood (preekheer?) [N 16 (1962)] III-2-3
botervlootje boterpot: geen frings maar RND  boͅtərpoͅt (Niel-bij-St.-Truiden) botervlootje [N 20 (zj)] III-2-1
bovenmate, hevig, zeer dapper: Vb. het heeft dapper geregend te nacht.  dabər (Niel-bij-St.-Truiden), overendover: ø̄i̯vərəndø̄i̯vər (Niel-bij-St.-Truiden) fel, zeer || zeer III-4-4
braadpan braadpan: ‹: er stond een halve o, geen frings maar RND  brōͅjpan (Niel-bij-St.-Truiden, ... ) pot, metalen ~ met steelvormig handvat; inventarisatie benamingen; betekenis/uitspraak [N 20 (zj)] || pot, metalen ~ met twee oren; inventarisatie benamingen (bròòjpan, bakpan); betekenis/uitspraak [N 20 (zj)] III-2-1
braaf braaf: braoəf (Niel-bij-St.-Truiden) braaf III-1-4
braambes beren: bēͅi̯r (Niel-bij-St.-Truiden) braambes III-4-3
braamstruik braamdoorn: broͅndøͅən (mv.) (Niel-bij-St.-Truiden) braamstruik III-4-3
brander bek: bɛk (Niel-bij-St.-Truiden) lamp/ luchter; inventarisatie soorten en gebruiksmogelijkheden; betekenis/uitspraak [N 20 (zj)] III-2-1
briefkaart postkaart: poͅstko.ət (Niel-bij-St.-Truiden) briefkaart III-3-1
broek: algemeen broek: bruk (Niel-bij-St.-Truiden) broek III-1-3