e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=Q036p plaats=Nuth/Aalbeek

Overzicht

Gevonden: 1955
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
beukennootje beukennootje: -  beukeneutjes (Nuth/Aalbeek) beukennootje [DC 39 (1965)] III-4-3
bewieroken bewieroken: bewieroken (Nuth/Aalbeek) Wieroken, bewieroken [wiereke?]. [N 96B (1989)] III-3-3
bewolking hemel: de hieëmel (Nuth/Aalbeek), wolken: de wolke (Nuth/Aalbeek) bewolking, zwerk, wolkendek [schoft] [N 22 (1963)] III-4-4
bewolkte lucht bewolkte lucht: de loch, de hemel is bewòòk, doe zens gèèn starre (Nuth/Aalbeek) Hoe zegt men in uw dialect: De lucht, de hemel is bewolkt, je ziet geen sterren. [DC 30 (1958)] III-4-4
bezem bezem: beͅsəm (Nuth/Aalbeek), Zie tekening: 1 (links)  bessem (Nuth/Aalbeek), Zie tekening: 2 (midden)  bessem (Nuth/Aalbeek), Zie tekening: a (links)  bessem (Nuth/Aalbeek), borstel: Zie tekening: 3 (rechts)  beusjtel (Nuth/Aalbeek), Zie tekening: b (rechts)  beustel (Nuth/Aalbeek) bezem [RND] || bezem (soorten) [DC 15 (1947)] III-2-1
bezemsteel steel: štēəl (Nuth/Aalbeek) bezemsteel [RND] III-2-1
bibberen wat zit je te ruiken: wat sits te te rieche (Nuth/Aalbeek) beven [rijde, ridde, riere, rijgele, rijere] [N 10a (1961)] III-1-2
biddag bededag: bèèdag (Nuth/Aalbeek) Een dag van aanbidding van het Allerheiligste in de loop van het jaar, per parochie verschillend [biddag, bèèjdaag?]. [N 96B (1989)] III-3-3
biddag voor het gewas bededag: bèèdag (Nuth/Aalbeek) De Biddag voor het Gewas. [N 96C (1989)] III-3-3
bidden beden: bèèje (Nuth/Aalbeek) Bidden, beden, zich beden [bidde, bèèje, zich bèèje, zich bèëne?]. [N 96B (1989)] III-3-3