e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=Q121a plaats=Chèvremont

Overzicht

Gevonden: 1324
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
breinaald striknaald: štreknoͅlt (Chèvremont) breinaald III-1-3
brem ginster: jin’ster (Chèvremont) brem III-4-3
bretel help: helpe (Chèvremont), lits: litse (Chèvremont) bretels, stel schouderbanden om de broek op te houden [N 23 (1964)] III-1-3
briket eierkolen: ai̯ərkoͅalə (Chèvremont), kluit: klyt (Chèvremont) bruinkoolbriket || eierkolen III-2-1
broeden uit-hecken (du.): oes’hikke (Chèvremont) uitbroeden III-1-4
broedsel hik: ook: worp van zoogdieren  hik (Chèvremont) broedsel van vogels III-4-1
broek: algemeen boks: boks (Chèvremont) broek in het algemeen [boks, sjmeek, brits] [N 23 (1964)] III-1-3
broekland, moeras prats: ps. boven de a staat nog een ?; deze combinatieletter is niet te maken.  pratš (Chèvremont) moeras [DC 02 (1932)] III-4-4
broekspijp boksenpijp: boksepiefe (Chèvremont) pijpen van een broek [bokspijpe, broeksepejpe] [N 23 (1964)] III-1-3
broeksriem riem: reem (Chèvremont) band of riem waarmee de broek in de taille wordt opgehouden [boekreem, boekband, boksemband] [N 23 (1964)] III-1-3