e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=Q036p plaats=Nuth/Aalbeek

Overzicht

Gevonden: 1955
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
zak op een schort tas: tesch (Nuth/Aalbeek) zak op een schort [pooier] [N 24 (1964)] III-1-3
zakdoek tassenplag: tèsjeplak (Nuth/Aalbeek) zakdoek [zakneusdoek, tesneuzik, plak, sjnoefsplak, sjnuutelsplak, seplak, sjnekker] [N 23 (1964)] III-1-3
zakgeld tassengeld: teschegeld (Nuth/Aalbeek), tessengeld: teschegeld (Nuth/Aalbeek), zondagsgeld: zondigsgeld (Nuth/Aalbeek, ... ) zakgeld (traktement, pree?) [N 21 (1963)] || zakgeld [traktement, pree?] [N 21 (1963)] III-2-2, III-3-1
zalig zalig: zieëlig (Nuth/Aalbeek) Zalig, gelukzalig [zaalig, zaolig, zeelig]. [N 96D (1989)] III-3-3
zaliger gedachtenis ... zaliger: Vader/Mooder zieliger (Nuth/Aalbeek) Zaliger gedachtenis (vader/moeder/..). [N 96D (1989)] III-3-3
zaligheid zaligheid: zieligheid (Nuth/Aalbeek) Zaligheid. [N 96D (1989)] III-3-3
zeef zeef: zeef (Nuth/Aalbeek) zeef in het algemeen [N 20 (zj)] III-2-1
zeep zeep: ze sjpeult de tèjere nog altied met greun zeep (Nuth/Aalbeek) Zeep. Ze doet de afwas nog altijd met goede zeep. [DC 35 (1963)] III-1-3
zeepsop zeepsop: zeipsop (Nuth/Aalbeek) Hoe noemt u de oplossing van zeep en water? (zeepsop, zeepnat) [N 104 (2000)] III-2-1
zegen aan het eind van de mis zegen: zèèëge (Nuth/Aalbeek) De zegen, de benedictie door de priester gegeven aan het eind van de mis. [N 96B (1989)] III-3-3