e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=Q121a plaats=Chèvremont

Overzicht

Gevonden: 1324
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
dweil opnemer: opneəmər (Chèvremont), schroblommel: šruplūməl (Chèvremont) dweil III-2-1
dwingen zwingen (du.): tswinge (Chèvremont) dwingen III-1-4
echtgenoot ehemann (du.): ieë’man (Chèvremont) echtgenoot III-2-2
een boterham smeren klenen: kleëne (Chèvremont) boterham (dik) smeren III-2-3
een huis huren mieten (d.): mītə (Chèvremont) huren III-2-1
eer eer: ier (Chèvremont) eer, achting, eergevoel III-1-4
eerlijk eerlijk: ier’lieg (Chèvremont) eerlijk III-1-4
eerstvolgend, ernaast daarneven: derneë⁄ver (Chèvremont), nevenbij: neëvebij⁄ (Chèvremont) ernaast III-4-4
eetlepel eetlepel: ɛ̄slɛfəl (Chèvremont) eetlepel III-2-1
eetlust appetijt: Jouwe appetiet, weë nuus hat, deë ziet mar dat heë jet kriet. Iech los miech va diech nit d¯r appetiet verderve: ik laat me dat door jou niet tegenmaken  appetiet’ (Chèvremont) eetlust III-2-3