e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=Q004p plaats=Gelieren/Bret

Overzicht

Gevonden: 612

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
betalen betalen: ps. omgespeld volgens Frings. Tussen de "a met een rondje en een punt erboven"staat nog een ~; deze combinatieletter is niet te maken/om te spellen en heb alleen de "a met een rondje en een punt erboven"omgespeld: å.  bəta͂lə (Gelieren/Bret) Betalen, over de brug komen [afschieten?] [N 21 (1963)] III-3-1
betrekken (lucht) overtrekken: də loͅxt ivərtreͅkt (Gelieren/Bret) dicht gaan zitten zodat er regen dreigt, gezegd van de lucht [de lucht overtrekt, groeit, belommert] [N 22 (1963)] III-4-4
beuk beukelenboom: gecombineerd met ZND 1 a-m "beuk  biekeleboom (Gelieren/Bret) beuk (een hoge beuk) [ZND 21 (1936)] III-4-3
beurs, overrijp te murg: te merg (Gelieren/Bret) beurs [ZND 01 (1922)] III-2-3
bewolking betrokken lucht: betrokke locht  bətroͅkə loͅxt (Gelieren/Bret) bewolking, zwerk, wolkendek [schoft] [N 22 (1963)] III-4-4
bezem bezem: bɛsəm (Gelieren/Bret, ... ) bezem [ZND 01 (1922)], [ZND 21 (1936)] III-2-1
bezoeken bezoeken: bezikken (Gelieren/Bret) Kom mij eens bezoeken. [ZND 21 (1936)] III-3-1
bibberen rijderen: reieren (Gelieren/Bret) beven, bibberen [ZND 21 (1936)] III-1-2
bidden beden: dieh moest bŋen (Gelieren/Bret) Ge moet bidden (in de kerk). [ZND 21 (1936)] III-3-3
biechten (gaan) zich biechten (gaan): we gōen ŏs bichten (Gelieren/Bret) We gaan biechten, of ... ons biechten, of ... te biechte (welke uitdrukking is hiervoor gebruikelijk?). [ZND 21 (1936)] III-3-3