e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=L289p plaats=Boshoven

Overzicht

Gevonden: 217

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
gebouw tispel: tespəl (Boshoven) hoog gebouw III-2-1
gevel gevel: gēͅvəl (Boshoven) gevel III-2-1
gladiool twaalf apostelen: mv.  twelf apostele (Boshoven) Gewone zwaardlelie (gladiolus communis). Hoge plant (bijna 1 m), de bladeren zijn zwaardvormig en spits gevormd. De bloemen naar één kant, de kleur is rood of wit, met allerlei tussenkleuren; de bloembuis is gebogen (gladiool, harnaswortel, 12 apostelen, III-2-1
glasgordijn glasgordijn: glās˃gərdīn (Boshoven) vitrage, glasgordijn III-2-1
gloeien gloeien: gløi̯ə (Boshoven) gloeien III-2-1
goede kamer, ontvangkamer goede kamer: gōi̯kāmər (Boshoven) huiskamer, pronkkamer III-2-1
gootsteen pompensteen: po.mpəsteͅi̯.n (Boshoven), pompsteen: po.mpsteͅi̯.n (Boshoven) gootsteen III-2-1
gordijnroede gordijnenroede: gərdī.nəru.i̯ (Boshoven) gordijnroede III-2-1
goudsbloem allerverdrijf: omdat de plant cultuurgewassen verdrijft  âllerverdriêf (Boshoven) Goudsbloem (calendula officinalis). Grote oranjekleurige bloemen. Bijna alle vruchten zijn sikkelvormig gekromd. Gekweekt, ook in blekere kleuren en vaak verwilderd. Bloeitijd van mei tot november (gauwbloem, goudbloem, dodbloem). III-2-1
grasveld, bleekveld bleek: bleͅi̯.k (Boshoven), groes: grōs (Boshoven) bleekveld, om was te bleken || grasveldje bij het huis, o.a. gebruikt als bleekveld III-2-1