e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
klemmen, stroppen van de zaag blijven steken: blīvǝ štē̜kǝ (Herten), hangen: haŋǝ (Venlo), klemmen: klɛmǝ (Heel, ... ), knijpen: knipǝ (Ottersum), knīǝpǝ (Sevenum), pitsen: petsǝ (Diepenbeek), petšǝ (Dilsen, ... ), spannen: spanǝ (Bilzen), stoten: stuǝtǝ (Venlo), stūtǝ (Leopoldsburg), štōtǝ (Sint Odilienberg), stroef gaan: struf ˲gǭn (Tessenderlo), stroppen: strǫpǝ (Tessenderlo), tegenwringen: tiǝgǝvreŋǝ (Bilzen), vastlopen: vaslǫwpǝ (Reuver), wringen: vreŋǝ (Bilzen, ... ), zich stroppen: zix štrø̜pǝ (Bleijerheide), zich vastzetten: zex ˲vas˲zetǝ (Herten), zex ˲vas˲zętǝ (Mechelen) Het moeilijk door het hout gaan of klemmen van de zaag tijdens het zagen. De oorzaak hiervan is dat de zaagtanden onvoldoende gezet zijn en/of te bot zijn. [N 50, 43c; N 53, 28b-c; N 53, 28e; N 75, 118a-b] II-12