e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
slijpzand, zavel aarde: ē̜rt (Reppel), drek: dręk (Zutendaal), grond: gro.nt (Ellikom), leem: leem (Beringen, ... ), liǝm (Heppen, ... ), moos: mō.s (Houthalen), scherpe zand: sxę.rǝpǝ za.nt (Vliermaal, ... ), scherpe zavel: sxę.rǝpǝ zǭvǝl (Zepperen), scherpzavel: sxęrǝp˲zǭvǝl (Velm), sladder: sladǝr (Genk), slijk: slei̯k (As), slijk (Grote-Brogel, ... ), slī.k (Bree, ... ), slijpzavel: slē̜p˲zǭvǝl (Wilderen), slē̜ǝ.p˲zǭ.vǝl (Wellen), smeer: smi̯ęrǝ (Vliermaalroot), streekzavel: strīǝ kzǭ.vǝl (Beverst), zand: za.nt (Diepenbeek, ... ), zant (Halen, ... ), zã.nt (Zonhoven), zā.nt (Kessenich, ... ), zānt (Kwaadmechelen), zavel: zā.vǝl (Berbroek, ... ), zāvǝl (Donk, ... ), zē.vǝl (Hechtel, ... ), zīǝ.vǝl (Beek, ... ), zǭ.vǝl (Alken, ... ), zǭvǝl (Berverlo, ... ) Het zand (aarde, leem, slijk, modder) waarmee de strekel werd ingesmeerd en dat in het zandblok of de klomp werd meegenomen naar het veld. In enkele plaatsen wordt toegevoegd dat men wat roggemeel door het zand mengde om het stroever te maken: P 115, 118a, 119, 176a, 188, Q 2, 2a, 73, 75, 76, 77, 78, 80 en 188. Ten einde het zand op de juiste manier vochtig te houden werd er in Q 9 appelsap, en in Q 76 en 77 azijn, aan toegevoegd; werd er in L 362, 363 en 367 op gewaterd en in P 176 op gespuugd. Uitdrukkelijk vermeld dat men geen slijpzand gebruikt, werd er in P 192, Q 152, 154, 155, 156, 157, 159 en 168a. Zie ook de andere lemma''s rond de strekel. [JG 1a, 1b; N 80, 83 add.] I-3