e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
haksel gehaks: gǝhaks (Schaesberg), gehakt stro: gehakt [stro] (Lanaken), gekapt stro: gekap [stro] (Groot-Gelmen, ... ), gekapt [stro] (Beringen, ... ), gescherfd (stro): gǝsxęi̯rǝft [stro] (Neerpelt), gǝsxɛrǝft [stro] (Achel, ... ), haksel: haksǝl (Borlo, ... ), hēksǝl (Maastricht), hǭksǝl (Sevenum), hɛ.ksǝl (Godschei, ... ), hɛksǝl (Aalst, ... ), hɛǝksǝl (Opgrimbie), ɛksǝl (Bilzen, ... ), kapstro: kap[stro] (Vroenhoven), kepsel: kapsel (Koersel, ... ), kɛpsǝl (Aalst, ... ), kepseling: kepseling (Gingelom), kepselstro: kɛpsǝl[stro] (Beverst), scherfeling: šɛrǝfǝleŋ (Loksbergen), scherfsel: sxɛrǝfsǝl (Beringen, ... ), scherfstro: sxɛrǝf[stro] (Paal) Het kortgehakte stro, op de snijbok of in de hakselmachine, werd vroeger, samen met haver, gekookt en aan de beesten gevoerd. Als het iets grover gesneden was werd het ook wel als strooisel in de potstal gebruikt. Zie ook het lemma ''bussel kort stro'' (6.1.29). Zie voor de fonetische documenatie van het woorddeel [stro] het lemma ''stro'' (6.1.24). [JG 1b, 2c; L 1, a-m; L 26, 11; S 12; Wi 51; monogr.] I-4