e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
roekoeën brommen: brômme (Swalmen), brullen: (o.).  br‧øͅlə (Eys), Opm. bijv. "de duiven zijn aan het brulle".  brulle (Klimmen), Opm. v.d. invuller: dit doet hij wanneer hij achter een duiven aanloopt; al geluid producerend om zijn as draait; of een tegenstander uitdaagt. Hij "ruept"de duivin (lokt de duiven) of "hea likt in de komp te joege"wanneer hij zeer onrustig vanuit zijn broedhok of vanuit een donkere hoek om zijn duivin roept.  een doffer brult (Doenrade), donderen: Opm. bijv. "de duiven zijn aan het donderen".  donderen (Jesseren), drijven: Opm. bijv. "de duiven zijn aan het drijven".  drijven (Koersel), geroekedoek (zn.): Opm. v.d. invuller: men zegt: "de duiven zijn aan het roekedekoeken".  geroekedekoek (Mielen-boven-Aalst), gewoek (zn.): Opm. v.d. invuller: men zegt: "de duiven zijn aan het woeken".  gewoek (Mielen-boven-Aalst), hoeken: hoeken (Koersel), jagen: jage (Echt/Gebroek), Opm. v.d. invuller: ook "jaeegt"een doffer achter zijn duivin, nl. wanneer hij haar wil dwingen in de broedschotel plaats te nemen. Begint enkele dagen voordat de duivin het 1e ei van een nieuw broedsel moet leggen. Hij stopt daarmee tussen het leggen van het 1e en 2e ei.  een doffer jaeegt (Doenrade), kirren: kirre (Sevenum), koekeloeren: Hoort de duiven een[s] koekeloeren.  kukəlùərə (Niel-bij-St.-Truiden), koeren: koeere (Weert), koere (Herten (bij Roermond), ... ), koeren (Eys, ... ), kŏĕrə (Beesel), kurə (Meijel), Algemene opmerking: deze vragenlijst is heel slecht ingevuld!  koere (Maasbree), De dûve zoaten oppet daak te kòrre.  kòrre (Bree), Opm. bijv. "de duiven zijn aan het koeren".  koeren (Eisden), Opm. zo wordt het ook genoemd.  kŏĕrrə (As), koerken: koerekke (Venray), koerken (Koersel), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook "klanktabel v.h. Zolders (uitspraak)", aan de achterkant van de laatste pagina!  koerreke (Zolder), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook bijlagevellen met (eventuele) aanvullingen en diverse toelichtingen.  de doeve zien an ’t koerke (Wanssum), koerten: koerten (Meijel), lokken: lokke (Echt/Gebroek), roek (zn.): Algemene opmerking bij deze vragenlijst: invuller heeft hierbij twee bijlagevellen bijgevoegd, t.w.  de roĕk (Bilzen), roekedekoe doen: Sub roekedekôê; syn. roekedekôêwe, roekoeke.  roekedekôê dôê.n (Zolder), roekedekoeken: het roekedekoeke (Jeuk), Ùp-en dûîvekêker zoot de köper te rùkedekoeke.  rùkedekoeke (Beverlo), roekedekoen: rŏĕkədəkŏĕwə (As), róekedekoeë (Sint-Truiden), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook "klanktabel v.h. Zolders (uitspraak)", aan de achterkant van de laatste pagina!  roekedekoeë (Zolder), Klanknabootsend gevormd.  roekedekōēën (Zonhoven), Sub roekedekôê: syn. roekedekôêwe, roekoeke.  roekedekôêwe (Zolder), roekeloeren: Hoort de duiven een[s] roekeloeren.  rukəluərə (Niel-bij-St.-Truiden), roeken: roeke (Diepenbeek, ... ), roeken (Rijkhoven), roekë (Hoeselt), roeêke (Wijlre), rōēkë (Tongeren), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: invuller heeft hierbij twee bijlagevellen bijgevoegd, t.w.  ’t roēke (Bilzen), Opm. bijv. "de duiven zijn aan het roeken".  roeke (Kortessem), roeken (Jesseren, ... ), roekoeken: roekoe(k)ke (Kerkrade), roekoeke (Lutterade), roekoeë (Sittard), Algemene opmerkingen bij deze vragenlijst:  roekoeke (Thorn), Opm. bijv. "de duiven zijn aan het roekoeke".  roekoeke (Klimmen), Sub roekedekôê: syn. roekedekôêwe, roekoeke.  roekoeke (Zolder), roekoen: het roekoeën (Geleen), roekoe-e (Geleen), roekoe-ə (Guttecoven), roekoewe (Echt/Gebroek, ... ), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook "klanktabel v.h. Zolders (uitspraak)", aan de achterkant van de laatste pagina!  roekoeë (Zolder), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook aantekening van de invuller, op de laatste pagina!  hət roekoeə (Grathem, ... ), Noe hwäör diej häör èns roekoewe achter de zieje.  roekoewe (Echt/Gebroek), Onomatopee. Hgd. rucken.  roekoewe (Valkenburg), roepen: Opm. zo wordt het ook genoemd.  roope (As), spelen: spele (Echt/Gebroek) Hoe noemt men het geluid dat de duiven maken - de/het ....... bijv. de duiven zijn aan het ......... [N 93 (1983)] || Hoe zegt men: het roepen van de duiven? [N 93 (1983)] || Kirren (van duiven). || Kirren (van een duif). || Kirren van duiven. || Kirren, koeren. || Kirren. || Koekeloeren: 2. Kirren. || Roekeloeren: Roekoeën. || Roekoeken, kirren. || Roekoeën van duiven. || Roekoeën. || Roekoeën: Het geluid van duiven voortbrengen. III-3-2