e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
trekopeningen fokken: fǫkǝ (Maaseik), fosse: fǫs (Bilzen  [(ongeveer 30 cm breed)]  ), fuchsen: foksǝ (Nunhem), fuksǝ (Echt, ... ), føksǝ (Spekholzerheide), jachten: jaxtǝ (Maastricht), koters: kūtǝrs (Sint-Truiden), pijpjes: pī̄pkǝs (Sittard), rookkanalen: rǫwkkǝnālǝ (Klimmen), schlitzen: šlitsǝ (Tegelen) Kanalen door de bodem van de oven voor de rookafvoer naar de schoorsteen. De trekopeningen vormen de verbindingen tussen de verschillende kamers in het stookkanaal en het rookkanaal. Het uiteinde van de trekopeningen in het stookkanaal werd in Q 111 de mond (d\r mont) genoemd. In Q 83 werd het woordtype fosse alleen gebruikt bij ringovens; bij veldovens sprak men van ɛjachtenɛ. Zie ook afb. 25.' [N 98, 132; N 98, 133; monogr.] II-8