e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
ik heb een verkoudheid opgelopen of ik heb een kou te pakken. worden er ook uitdrukkingen gebruikt waarin verkouden of verkoudheid ontbreekt, als b.v. ik heb he een verkoudheid hebben:   e:x han dər šnup (Sint-Pieters-Voeren), e:x han ət sitə (Sint-Pieters-Voeren), her hèèt mich lielik te pakken (Eisden, ... ), ich hab `n valling (Mopertingen), ich hab ene kaa (Mopertingen), ich hab n ka opgedwon (Mopertingen), ich heb `ne kaa gepak (Berg), ich heb een kou gepakt (Kozen), ich heb eene kaa (Hoepertingen), ich heb ein koaj te pakken (Kessenich), ich heb enen kaa (Berg), ich heb het liggen (Hoepertingen), ich heb het lèlek zitten (Vliermaalroot, ... ), ich heb het zitte (Kuringen, ... ), ich heb het zitten (Hoepertingen, ... ), ich heb n kaa gepak (Groot-Gelmen), ich heb n klets gepakt (Kuringen), ich heb ne kaa opgeduen (Berg), ich heb ne kouw te pakke (Opgrimbie), ich heb weer eine weirt! (Berg), ich hep `n valling (Zepperen), ich hep het zitten (Zepperen), ich hĕb hët weer zitten (Meeswijk), ich hub ene kaa (Tongeren), ich hub het zitte (Tongeren), ich hub ne ka (Vlijtingen), ich hèp ne ka gepakt (Mechelen-Bovelingen), ich həb hət zittə (Eisden), ich həb ənə kauw te pakkə (Eisden), ich hɛp ənə ka.u (Overpelt), ich hɛp ət va:st (Overpelt), ich hɛp ət zitən (Overpelt), ieg heb het erg zitten (Dilsen, ... ), ig heb het zitten (Borlo, ... ), ig ɛb əd aŋə (Sint-Truiden), ig ɛp ənə ka: (Sint-Truiden), ig ɛp ənə ka: gepakt (Sint-Truiden), ik heb een kau opgedaan (Neeroeteren), ik heb een kauw (Dilsen), ik heb een koude gepakt (Wellen), ik heb een valling (Leopoldsburg, ... ), ik heb eene ka gepakt (Widooie), ik heb eene kou (Borlo), ik heb het fel zitten (Wijer, ... ), ik heb het goed zitten (Kinrooi, ... ), ik heb het lelijk zitten (Neeroeteren, ... ), ik heb het snot (Tessenderlo), ik heb het te pakke (Rotem), ik heb het te pakken (Maaseik, ... ), ik heb het zitte (Gruitrode), ik heb het zitten (Eisden, ... ), ik heb ne ka gepakt (Wijer), ix (h)em ən klets (Helchteren), ix aep ənnə ka: (Bilzen, ... ), ix aep ət zittə (Bilzen), ix heb et ɛrx te pakə (Bocholt, ... ), ix heb nə kauw gepakt (Bocholt), ix heb ət ɛrx zitə (Bocholt, ... ), ix héb ənə(n) kaw gepakt (Bree), ix həb nə kaw (Gellik), ix həb ət lɛlɛə sitə (Vliermaal, ... ), ix həp tə snot (Vliermaal), ix həp tə strɛŋəl (Vliermaal), ix həp ənə ka: (Vliermaal), ix hɛb ət sitə (Kermt), ix øp ət (xo.t) sitə (Maaseik, ... ), ix øp ət zitə (Mechelen-aan-de-Maas), ix əbət sitə (Engelmanshoven), ix əp ət xot sitə (Bree, ... ), ix ɛm nə ka. gəpakt (Kermt), ix ɛp ən ka:uw tə pakə (Kanne, ... ), kɛm ən valiŋ (Leopoldsburg), t sit mix vas (Meeuwen), ət zit mich hɛ.i (Overpelt), əx høb ənə ka: (opxəša:rt) (Zichen-Zussen-Bolder, ... ), [AN]  ik heb een kou te pakken (Vucht), ik heb het zitten (Vucht), Pijn in de keel, d.i. hees spreken.  (ich heb ne kater) (Kuringen), verkouden:   e:g bɛ. vərkot (Sint-Pieters-Voeren), eg be: vərkokt (Raeren), ex be.n vərkāt (Genk), ex ben vərkōt (Kinrooi), i.x bain vərkaut (Vucht), ich b`n verkaat (Ulbeek), ich ben verkaad (Groot-Gelmen, ... ), ich ben verkaat (Kozen, ... ), ich ben verkat (Mopertingen), ich ben verkaud (Meeswijk), ich ben verkautch (Gerdingen), ich ben verkaëd (Rosmeer), ich ben verkaöd (Hoepertingen), ich ben verkoadj (Kessenich), ich ben verkâtj (Elen), ich ben versnoef (Vechmaal), ich ben versnuif (Zepperen), ich bĕn versnoeft (Mopertingen), ich bin verkad (Mopertingen), ich bin vərka.ut (Overpelt), ich bèn verkaud (Eisden), ich bèn versnòpt (Eisden), ich bèn vèrkaauwt (Neerglabbeek), ich sên verkaad (Hasselt), ich sên versnēfd (Hasselt), ieg ben verkaut (Dilsen), ieg ben versnoept (Dilsen), ig ben verkaad (Borlo, ... ), ik ben verkaad (Kermt, ... ), ik ben verkaat (Wijer), ik ben verkawd (Gruitrode), ik ben verkoud (Neeroeteren, ... ), ik ben verkouden (Maaseik, ... ), iš bin vərkaut (Eynatten), iš han møš vərkaut (Eynatten), ix baen vərkat (Bilzen), ix baen vərsnuf aen mənə kop (Bilzen), ix bin fərkait (Gellik), ix bin vərkautš (Bocholt), ix bén vərkawtj (Bree), ix bən verkawts (Bree), ix bən vərkawt gəwyrə (Opglabbeek), ix bɛn vərka.t (Engelmanshoven, ... ), ix bɛn vərka:t (Vliermaal), ix bɛn vərka:uwt (Kanne), ix bɛn vərkaut (Maaseik), ix bɛn vərkaùt (Mechelen-aan-de-Maas), ix sən vərkā:t (Helchteren), verkāād (Wijchmaal), x bin vɛrkaut (Meeuwen), Neusvalling.  ich b`n versneuft (Ulbeek), verkoudheid:   e:x han dər šnup (Sint-Pieters-Voeren), ich hab `n valling (Mopertingen), ich hab ene kaa (Mopertingen), ich hab mich `n verkaddegheds op `t leef ghold (Mopertingen), ich hab n ka opgedwon (Mopertingen), ich heb `ne kaa gepak (Berg), ich heb een kou gepakt (Kozen), ich heb een verkadechets gepakt (Vliermaalroot), ich heb eene kaa (Hoepertingen), ich heb ein koaj te pakken (Kessenich), ich heb enen kaa (Berg), ich heb n kaa gepak (Groot-Gelmen), ich heb n klets gepakt (Kuringen), ich heb ne kaa opgeduen (Berg), ich heb ne kouw te pakke (Opgrimbie), ich hep `n valling (Zepperen), ich hub ene kaa (Tongeren), ich hub ne ka (Vlijtingen), ich hèp ne ka gepakt (Mechelen-Bovelingen), ich həb ənə kauw te pakkə (Eisden), ich hɛp ənə ka.u (Overpelt), ig ɛp ənə ka: (Sint-Truiden), ig ɛp ənə ka: gepakt (Sint-Truiden), ik heb een kau opgedaan (Neeroeteren), ik heb een kauw (Dilsen), ik heb een koude gepakt (Wellen), ik heb een valling (Leopoldsburg, ... ), ik heb een verkoudheid (Wellen), ik heb eene ka gepakt (Widooie), ik heb eene kou (Borlo), ik heb ne ka gepakt (Wijer), ix (h)em ən klets (Helchteren), ix aep ənnə ka: (Bilzen, ... ), ix heb nə kauw gepakt (Bocholt), ix héb ənə(n) kaw gepakt (Bree), ix həb nə kaw (Gellik), ix həp ənə ka: (Vliermaal), ix ɛm nə ka. gəpakt (Kermt), ix ɛp ən ka:uw tə pakə (Kanne, ... ), kɛm ən valiŋ (Leopoldsburg), vəkaudighed (Eynatten), ən vər`kātexets (Genk), əx høb ənə ka: (opxəša:rt) (Zichen-Zussen-Bolder, ... ), [AN]  ik heb een kou te pakken (Vucht) III-1-2