e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
klateren gieten, hard regenen:   kla.tərə (Eys), klaatərə (Ophoven, ... ), klatere (Echt/Gebroek, ... ), klateren, ’t raegent det ’t klatert (Stevensweert), ingieten (met geluid):   kla.tərə (Eys), klaatere (Sevenum), klaattərrə (Grevenbicht/Papenhoven), klatere (Caberg, ... ), klatere(n) (Maaseik), klateren (Geistingen, ... ), klaterre (Vlodrop), klaterə (Doenrade), klattere (Noorbeek, ... ), klāātərə (Kapel-in-t-Zand), klātere (Rekem), klāteren (Schimmert), klootere (Herten (bij Roermond)), klààtere (Swalmen), klààtərə (Susteren), kletsen: Van Dale: klateren, het in snelle opeenvolging voortbrengen of weerklinken van een helder, hetzij niet zeer intens en aangenaam, hetzij schel en weergalmend geluid, m.n. van snel stromend water en van de donder gezegd [...]; - oneig. klaterende onzin, klinkklare onzin.  klateren (Beringen, ... ), klinken: water  klateren (Neeroeteren), spatten:   klatere (Sittard), klattere (Mechelen, ... ), urineren:   klaatere (Herten (bij Roermond)), klatere (Echt/Gebroek) III-1-1, III-1-2, III-3-1, III-4-4