e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=P050p plaats=Herk-de-Stad

Overzicht

Gevonden: 3119
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
zweren een eed doen op: ich wel tər ennen id op døn (Herk-de-Stad), de: daar!  ich doenter nen ieëd op, de! (Herk-de-Stad), dèèr = durf  ich dèèr ter nen ieëd oͅp doen (Herk-de-Stad), zijn eed doen op: ich wil tər mənən īd op dūn (Herk-de-Stad), zweren: ich wel troͅp zweeirə (Herk-de-Stad) Ik wil er een (of mijn) eed op doen [ZND 23 (1937)] III-3-1
zweren, etteren etteren: dij woͅn gī ettərə (Herk-de-Stad), rinnen: dij won giet reene (Herk-de-Stad), verzweren: dēͅ won gi vərzwērə (Herk-de-Stad), zweren: zwêëre (Herk-de-Stad) Die wonde zal etteren [ZND 23 (1937)] || zweren, etteren [ZND m] III-1-2
zwerm zwerm: zwɛrǝm (Herk-de-Stad) Het geheel van bijen met koningin dat de korf of kast verlaat. Een zwerm bestaat doorgaans uit een koningin, 10- tot 20-duizend werkbijen en een paar honderd darren. Zij zullen een nieuwe woning gaan zoeken. [N 63, 29d; S 3; L 1a-m; JG 1a+1b; Ge 37, 100; A 9, 6; monogr.] II-6
zwerm vogels zwerm: zwerm (Herk-de-Stad) zwerm [Willems (1885)] III-4-1
zwermen zwermen: zwɛrǝmǝ (Herk-de-Stad) Het verlaten van korf of kast van een deel van het bijenvolk onder aanvoering van een koningin. Zij gaat een nieuw volk vormen. Een dag of acht, negen, voordat de nieuwe moer of koningin uit de koninginnecel komt, verdwijnt de oude moer met een deel van het volk. De moer wordt door de werkbijen wat meer voor het vliegen geschikt gemaakt door haar enorme legtempo wat te temperen. Dit doen ze door het eiwitrijke voedsel, dat de moer anders krijgt, wat te minderen. Het zware achterlijf slinkt dan in en de moer krijgt krachten om de vleugels te kunnen uitslaan of anders gezegd om te kunnen zwermen. [N 63, 29a; S 3; L 1a-m; JG 1a+1b; Ge 37, 99; monogr.] II-6
zwijgen zwijgen: zweͅgə (Herk-de-Stad) zwijgen [ZND m] III-3-1
zwijmelen schaffelen: sxafǝlǝ (Herk-de-Stad) Onvast, langzaam en met moeite gaan, zonder richting te houden. [N 8, 73 en 83] I-9
zwoord braai: brōə (Herk-de-Stad), braaitje: brø̄kə (Herk-de-Stad), zwaard: zwā.s (Herk-de-Stad), zwās (Herk-de-Stad) zwoerd [Goossens 1b (1960)] || zwoerd (harde rand van een snede spek) [ZND 08 (1925)] III-2-3
één frank frank: den entree es nen frank (Herk-de-Stad), dən antrē eͅs ənə fraŋ (Herk-de-Stad) De toegangsprijs is een frank. [ZND 36 (1941)] III-3-1