e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=P048p plaats=Halen

Overzicht

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
raar, vreemd aardig: ook materiaal znd 8, 045  oidich (Halen), vies: ook materiaal znd 19a, 003  vis (Halen), vreemd: dīə ɛs hi vrømt (Halen) Die is hier vreemd. [ZND 08 (1925)] || zonderling, vreemd [ZND 01 (1922)] III-1-4
radijs radijs: radēs (Halen) [ZND 41 (1943)] I-7
rafel fringel: frengelen (Halen), kettel: kettelen (Halen) Rafels. Hoe noemt men de rafels die afhangen aan zeer versleten kleren ? [ZND 41 (1943)] III-1-3
ragebol halve maan: halefmuwən (Halen), m. mv. b\\st\\ls zeer lange steel. Wordt gebruikt om vensters op een hoge afstand te kuisen  haləfmuən (Halen), vegenshoofd: vɛ̄gəshyət (Halen) borstel; inventarisatie benamingen; betekenis/uitspraak [N 20 (zj)] || ragebol, bolvormige borstel waarmee spinnewebben worden verwijderd [N 26 (1964)] III-2-1
rammelaar rijder: rēͅər (Halen) rammelaar, mannetje konijn [Goossens 1b (1960)] III-2-1
rammenas rammenas: rammenets (Halen) [ZND 41 (1943)] I-7
rand van een hoed kant: kant (Halen), rand: rand (Halen) luifel, overstekende rand van een hoed [N 25 (1964)] III-1-3
ranzig bedorven: verzamelfiche, ook mat. van ZND 1a-m  (bedurft) (Halen) garstig [ZND 23 (1937)] III-2-3
rapen rapen: rāpǝ (Halen) De aardappelen oprapen en in een mand bijeen doen, achter de rooiers of achter de rooiende ploeg aanlopend. [N 12, 21; JG 1a, 1b; monogr.; add. uit N 12, 18; A 23, 17d; Lu 1, 17d] I-5
rasp rasp: rasp (Halen), vr rasp\\  rasp (Halen) rasp (rief, raspel, raps) [N 20 (zj)] III-2-1