| 18227 |
in lompen gekleed |
schabbetig:
sjébbetig gekleid (Q111p Klimmen),
schabbig:
sjébbig gekleid (Q111p Klimmen)
|
in lompen gekleed [haveloos, schabullig, schamel] [N 86 (1981)]
III-1-3
|
| 20383 |
in ondertrouw gaan |
aantekenen:
aanteikene (Q111p Klimmen)
|
aangifte doen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand, waarbij de aanstaande echtgenoten elkaar verklaren dat zij met elkaar een huwelijk willen aangaan; in ondertrouw gaan [verscholen, ondertrouwen, ondertrouw doen, aantekenen] [N 87 (1981)]
III-2-2
|
| 20252 |
in verwachting zijn |
groot gaan:
groeët gao (Q111p Klimmen)
|
Zwanger zijn: een kind dragen, zwanger zijn (staan, met een dik lijf lopen, inkopen, groot gaan, geladen). [N 84 (1981)]
III-2-2
|
| 21856 |
in voorraad |
in de voorraad:
in d⁄r vuerraod höbbe (Q111p Klimmen)
|
in voorraad zijn [staan, voorradig zijn] [N 89 (1982)]
III-3-1
|
| 27867 |
inbraak, stopmijnen |
inbraak:
enbrāk (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Oranje-Nassau I, Oranje-Nassau II, Oranje-Nassau III, Oranje-Nassau IV])
|
De schietgaten die in het midden van het schietfront liggen. De schoten worden dusdanig geplaatst dat uit het front een wigvormig stuk wordt geschoten om de werking van de latere schoten te vergemakkelijken. [N 95, 800; N 95, 431; N 95, 435; monogr.; Vwo 170, Vwo 393; Vwo 752]
II-5
|
| 28396 |
industriekool |
gaskolen:
gāskǭlǝ (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Laura, Julia]),
gasvlamkolen:
gāsvlamkǭlǝ (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Emma, Hendrik, Wilhelmina]),
vetkool:
vɛtkǭl (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Willem-Sophia]),
vlamkolen:
vlamkǭlǝ (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Laura, Julia])
|
Steenkool met meer dan veertien procent vluchtige bestanddelen. Volgens de invuller uit Q 33 is de term "industriekool" van toepassing op de volgende steenkoolsoorten: vette kool, gaskool en gasvlamkool. [N 95, 456; N 95, 457; N 95, 458; N 95, 459; monogr.]
II-5
|
| 18812 |
informeren (onoverg.) |
informeren:
informére (Q111p Klimmen)
|
inlichtingen inwinnen over iets [zich naar iets erkondigen] [N 85 (1981)]
III-1-4
|
| 17982 |
ingebeelde ziekte |
ingebeelde krankte:
ingebeelde krenkde (Q111p Klimmen)
|
Ingebeelde ziekte (niebekonter, iepreponder, hype). [N 84 (1981)]
III-1-2
|
| 27236 |
ingenieur |
ingenieur:
enšǝnjø̄r (Q111p Klimmen [Julia]),
enžǝnjø̄r (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Emma])
|
De algemene benaming voor ingenieur. De bevoegdheden en verantwoordelijkheden lopen nogal uiteen. [N 95, 139; N 95, add.; monogr.]
II-5
|
| 28135 |
ingestorte pijler |
doorgebroken pijler:
dørxgǝbrǭkǝ pęjlǝr (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Winterslag, Waterschei]),
toegegangen pijler:
tuwgǝgaŋǝ pęjlǝr (Q111p Klimmen
[(Oranje-Nassau I / III / IV)]
[Emma, Hendrik, Wilhelmina])
|
Een door steenval ingestorte pijler. [N 95, 545]
II-5
|