| 24963 |
springvloed |
vloed:
vloed (Q034p Merkelbeek)
|
springvloed, hoge waterstand die ontstaat als zon- en maanvloed samenwerken [giertij, springtij, gierstroom] [N 81 (1980)]
III-4-4
|
| 24382 |
sprinkhaan |
sprinkhaan:
sjprenkhaan (Q034p Merkelbeek)
|
sprinkhaan [DC 07 (1939)]
III-4-2
|
| 17915 |
sprokkelen |
zomeren:
zumere (Q034p Merkelbeek)
|
Sprokkelen: gevallen, dor hout zoeken (sprokkelen, stekkeren). [N 84 (1981)]
III-1-2
|
| 21545 |
sprookje |
sprookje:
sjpreukske (Q034p Merkelbeek)
|
een kindervertelsel [spruik] [N 87 (1981)]
III-3-1
|
| 24516 |
spruiten, uitbotten |
schieten:
eigen spellingsysteem
sjete (Q034p Merkelbeek)
|
Uitlopers krijgen, loten vormen, gezegd van planten, bomen (spruiten, uitbotten). [N 82 (1981)]
III-4-3
|
| 18066 |
spruw |
spruw:
spruw (Q034p Merkelbeek)
|
Spruw: de ontsteking van het slijmvlies in de mondholte vooral bij zuigelingen; aanvankelijk wordt dit vlies hoogrood en later met witte stippen bedekt (spruw, schuil, steenhuffel). [N 84 (1981)]
III-1-2
|
| 17910 |
spuiten |
sprietsen:
schpreutse (Q034p Merkelbeek),
spritsen (<du.):
sjpritse (Q034p Merkelbeek),
spuiten:
schpute (Q034p Merkelbeek),
sjpute (Q034p Merkelbeek),
spute (Q034p Merkelbeek)
|
persen, Met kracht vloeistof door een nauwe opening ~ (spuiten, spruiten, spritsen, sprietelen). [N 84 (1981)] || spuiten, met kracht door een nauwe opening naar buiten geperst worden, gezegd van water [spruiten, spritsen, sprietelen] [N 81 (1980)] || vloeistof met kracht door een nauwe buis naar buiten persen [spuiten, spruiten, spritsen, sprietelen] [N 91 (1982)]
III-1-2, III-4-4
|
| 21750 |
spuitstuk |
mondstuk:
moendsjtök (Q034p Merkelbeek)
|
de koperen buis aan de slang van de brandspuit [lent] [N 90 (1982)]
III-3-1
|
| 21526 |
staal |
monster:
monster (Q034p Merkelbeek),
staal:
sjtaol (Q034p Merkelbeek)
|
kleine hoeveelheid van een koopwaar die aan de koper getoond wordt om hem over de kwaliteit te laten oordelen [staal, monster, kantje] [N 89 (1982)]
III-3-1
|
| 17819 |
staan |
staan:
sjtaon (Q034p Merkelbeek),
štòaə (Q034p Merkelbeek)
|
staan [DC 02 (1932)]
III-1-2
|