e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Millen

Overzicht

Gevonden: 1753
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
drachtige merrie vol: vǫl (Millen) De merrie "behoudt", als men na een drietal weken zekerheid heeft dat ze drachtig is; bij een miskraam "verwerpt" ze. [JG 1a, 1b; N 8, 50a] I-9
draden of randen van peulvruchten vamen: vø͂ͅ.m (Millen) [Goossens 1b (1960)] I-7
dragen dragen: draoge (Millen) dragen [ZND 25 (1937)] III-1-2
dreef dreef: dreef (Millen) een lange dreef [ZND 23 (1937)] III-3-1
driesteek baret (<fr.): beͅrat (Millen) steek, hoed waarvan de (gedeeltelijke opgeslagen) luifel drie hoeken vertoont (bijv. een bepaalde priesterhoed) [drieteut, drietip, drejtik, tööt] [N 25 (1964)] III-1-3
driftig kwaad: koot (Millen) driftig [ZND 23 (1937)] III-1-4
drijfvoeren prikkelen: prekǝlǝ (Millen) Het voeren dat gebeurt, wanneer men de bijen tot het zetten van broed wil prikkelen. Wanneer de bijen nog behoorlijk in het voer zitten, hoeft de imker zich nergens om te bekommeren en kan hij het drijfvoeren laten. [N 63, 110c; Ge 37, 196] II-6
drinkbak voor de koeien kuip: kǫu̯p (Millen) Uit een aantal benamingen wordt niet duidelijk om welke soort van drinkbak het gaat: los of vast, ouderwets of modern. Andere benamingen geven aan uit welk materiaal de bak vervaardigd is. [L 38, 33; monogr.; add. uit N 5A, 37a; A 10, 10] I-6
drinkglas glas: glōͅ.s (Millen), pint: pi.nt (Millen) drinkglas [RND] III-2-1
droesem zaksel: verzamelfiche, ook mat. van ZND 1a-m  zaksel (Millen), zinksel: verzamelfiche, ook mat. van ZND 1a-m  zenksel (Millen) droesem [ZND 23 (1937)] III-2-3