| 33994 |
haverzak |
voerzak:
voerzak (L163a Milsbeek)
|
Zak, gevuld met haver, die men een ingespannen paard omhangt om het te laten eten. [N 13, 90; monogr.]
I-10
|
| 24167 |
havik |
kuikenstoter:
kuukestuuter (L163a Milsbeek)
|
havik
III-4-1
|
| 24480 |
hazelaar |
hazenotenstruik:
haozenootestroek (L163a Milsbeek),
hazestruik:
haozestroek (L163a Milsbeek)
|
hazelstruik
III-4-3
|
| 21000 |
hazelnoot |
hazenoot:
haozenoot (L163a Milsbeek)
|
hazelnoot
III-4-3
|
| 19534 |
hecht van een mes |
hecht:
hicht (L163a Milsbeek)
|
handvat van een mes (hecht, heft) [N 20 (zj)]
III-2-1
|
| 20363 |
heeroom |
heeroom:
oom die priester is
heeroome (L163a Milsbeek)
|
heeroom
III-2-2
|
| 24168 |
heggenmus |
blauwmannetje:
blawménneke (L163a Milsbeek)
|
heggemus
III-4-1
|
| 19539 |
heibezem |
heibezem:
heibèssem (L163a Milsbeek),
heͅi̯bɛsəm (L163a Milsbeek)
|
bezem gemaakt van heitakjes (heiwasser, heibezem) [N 20 (zj)] || bezem van hei gemaakt
III-2-1
|
| 26741 |
heizicht, heizeis |
heikoens:
heikoens (L163a Milsbeek)
|
Gereedschap om hei te maaien. In dit lemma zijn verwerkt de gegevens van de enqu√™tevraag naar ''de zeis om hei te maaien'' (I, 26b) en de vraag naar ''de zeis speciaal voor hei te maaien en russen te steken'' in N 18, vraag 77. Van Vessem wijst op pag. 99 ook al op het probleem dat veel informanten de zicht- en zeisbenamingen door elkaar heen gebruiken, omdat de overeenkomst tussen beide werktuigen erg groot is. Ook in dit lemma komen de zicht- en zeisbenamingen door elkaar heen voor. Men mag er niet van uitgaan dat de verschillende woordtypen steeds hetzelfde gereedschap aanduiden. Gemeenschappelijk is welde gebruiksmogelijkheid van dit gereedschap, namelijk om er hei mee te maaien. Een verschil tussen heizicht en heizeis kan zijn dat de heizicht twee handvaten heeft, terwijl de heizeis één handvat heeft. Het blad van de heizicht kan ook kleiner zijn en vooral korter dan dat van de heizeis.' [N 18, 77; I, 26b]
II-4
|
| 26734 |
heizode |
heivlag:
hęi̯vlax (L163a Milsbeek)
|
Afgestoken stuk hei. [N 14, 77b; N 14, 77c; N 27, 39h; N 27, 39g; N 18, add.; N 11, add.; S 46; A 39, 15a; A 39, 15b; R 3, 98; L 8, 123; L B2, 274; AGV, k6; monogr.]
I-8
|