e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Montfort

Overzicht

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
mariaoord genadeoord: genadeoord (Montfort), mariaoord: mariaoord (Montfort) Een genadeoord van Maria, Mariaoord. [N 96C (1989)] III-3-3
mariascapulier mariascapulier: mariasjabbeleer (Montfort) Een Maria-scapulier (Marias livrei?). [N 96B (1989)] III-3-3
marjolein marjolein: WLD  marjolein (Montfort) Marjolein (origanum majorana). Kleine, witte bloempjes, half verscholen tussen groene blaadjes, die dicht opeen staan, en tot bolletjes verenigd zijn, 3 of 4 zulke bolletjes op lange stelen in de bladhoeken en aan de top (palingskruid, madelein, dubbele p [N 92 (1982)] III-4-3
markt markt: mae.rət (Montfort) markt [RND] III-3-1
marktkraam kraam: kraom (Montfort, ... ) een tent, een stalletje op de markt waarin de goederen tentoongesteld zijn [kraam, schob] [N 89 (1982)] III-3-1
marktplein markt: de mert (Montfort), mèrt (Montfort) het plein in een stad of dorp waar markt gehouden wordt [mert, marktveld] [N 90 (1982)] III-3-1
marmer marbel: marbel (Montfort), marmer: marmer (Montfort, ... ), (m?).  marmer (Montfort) marmer [SGV (1914)] || marmer, dicht, fijnkorrelig kalkgesteente dat geschikt is om te bewerken en te polijsten, in bouw- en beeldhouwkunst als grondstof gebruikt [marbel, melber] [N 81 (1980)] III-4-4
marmeren beeld beeld: é marmere bee:ldj (Montfort) Marmeren beeld. [N 06 (1960)] III-3-2
mars (wbd) mand: manj (Montfort), marsmand: mars man (Montfort) de mand die een kramer op zijn rug heeft [mars, hot, holfrits] [N 89 (1982)] III-3-1
marter maart: maart (Montfort), ’ne maart (Montfort), marter: WLD  màrtər (Montfort, ... ) Hoe noemt u een soort marter, tot 48cm lang, met een staart tot 26cm. Het is een slank roofdier met donkerbruine pels en witte borstvlek die tot de binnenzijde van de voorpoten doorloopt (fluwijn) [N 83 (1981)] || Hoe noemt u het slanke roofdiertje, geelbruin tot donkerbruin, met lange dekharen. De kop is spits met grote oorschelpen, het lichaam is lang en lenig. Het heeft een lange staart en korte poten; marter (fluwijn) [N 83 (1981)] || marter [SGV (1914)] III-4-2