e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Montzen

Overzicht

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
vastentijd vasten: vāstə (Montzen) De periode van Aswoensdag tot Pasen (de grote vasten, vastentijd). [N 96C (1989)] III-3-3
vechten zich houwen: zəx huwə (Montzen), zich kloppen: zəx klupə (Montzen) Hij deed geheel de wereld vechten. [RND] III-3-1
vechthaan lombardische haan: lāmpęsǝ hān (Montzen) Haan in de regel van een bijzonder ras, die afgericht wordt voor hanengevechten. Hanengevechten zijn een Haspengouwse specialiteit. [JG 1a, 1b, 1c, 2c; monogr.] I-12
vee vee: fīǝ (Montzen), viǝ (Montzen) Alle huisdieren samen: paarden, runderen en kleinvee. Vergelijk het lemma ''veestapel'' (13.12) in deze aflevering. [A 11, 4; JG 1a; RND 4, 31; RND 7, 31; RND 8, 31; RND 10, 31; Wi 52; N C, add.; Vld.; monogr.] I-11
vee houden koeien vetten: vɛtǝ (Montzen), vee mesten: mēstǝ (Montzen) Het houden van vee in het algemeen. De opbjecten "vee", "beesten", "koeien" e.a. worden in dit lemma niet gedocumenteerd. [N Q, 10a] I-11
veel drinken zuipen: zŭ.pə (Montzen), zûpə (Montzen) zuipen (overmatig drinken) [ZND 08 (1925)] III-2-3
veel te wijde broek boks die veel te breed is: met een v-tje ø op de o van vols  ən boks di vøls tə brēt es (Montzen), boks voor dikke lui: op de # een v-tje ø  ən boks vōͅr dekə lyj (Montzen), boks voor een dikke: op de # een v-tje ø  ən boks vōͅr ənə dekə (Montzen) een broek voor een gezet figuur [N 59 (1973)] || een veel te wijde broek [N 59 (1973)] III-1-3
veertigurengebed veertigurenaanbidding: də vɛtəch ūrə ābɛ̄noŋ (Montzen) Het veertigurengebed: de drie dagen = veertig uur durende aanbidding van het uitgestelde Allerheiligste, gehouden b.v. tijdens de carnavalsdagen. [N 96B (1989)] III-3-3
veevoer verzamelen kruiden: kruu̯ǝ (Montzen) Het plakken, trekken, steken of snijden van veevoer. Veevoer kan bestaan uit groenvoer, rapen, gras of gewassen als lupinen en serradella. Het verzamelen van veevoer kan dus bestaan uit verschillende handelingen. Object als "groenvoer", "konijnenvoer", "gras" e.a. zijn niet gedocumenteerd. Zie ook het lemma ''knollen uittrekken'' (2.2.6) in aflevering wld I.5. [N Q, 11c; JG 1a, 1b, 1c, 2c; L 36, 65; monogr.] I-11
vegen, keren vegen: v‧ēͅgə (Montzen) de vloer vegen, keren (zonder water) [ZND 34 (1940)] III-2-1