e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Montzen

Overzicht

Gevonden: 3044
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
de noodklok luiden tumpen: tōmpe (Montzen) Het luiden van deze klok. [N 96A (1989)] III-3-3
de portiuncula-aflaat verdienen portiunculen: porsioŋkələ (Montzen) De kerk in- en uitgaan bij het bidden van de toties-qoties-aflaat. Dat kon men doen: a)op het Portiuncula-feest, b)op het feest van O.L. Vrouw van de Rozenkrans (7 oktober) en c)in de namiddag en avond van Allerheiligen en op de dag van Allerzielen. [pars [N 96B (1989)] III-3-3
de raat uitbreken uitbreken: utbrɛǝkǝ (Montzen) Uitbreken van de raat bij het oogsten van de honing. Het volk is dan verwijderd. [N 63, 81a] II-6
de roepen krijgen de roepen krijgen: də røp kriə (Montzen) De roepen krijgen, afgeroepen worden in de kerk, "onder de geboden staan", "onder de roepen zijn", "in de roepen gaan". [N 96D (1989)] III-3-3
de rozenkrans bidden bij een overledene rosaire (fr.) beden: dər rozɛ̄r bɛ̄nə (Montzen) De Rozenkrans (= 3 Rozenhoedjes) bidden bij een overledene. [N 96B (1989)] III-3-3
de stuipen krijgen een begaafte krijgen: ən begoudə kriə (Montzen) stuipen: De stuipen hebben: een aanval van stuipen hebben (stuipen, stuiptrekken, begaovings, spinneweven). [N 107 (2001)] III-1-2
de toog aankrijgen ingekleed worden: ɛɛgəklejt wɛədə (Montzen) De toog/het habijt aankrijgen, gekleed worden. [N 96D (1989)] III-3-3
de was blauwen blauwen: bläue (Montzen) blauwen [ZND 08 (1925)] III-2-1
de was bleken bleken: ble͂.kə (Montzen) de was op de bleek leggen [ZND 21 (1936)] III-2-1
de zondag inluiden zondag luiden: zōndeXloege (Montzen) Het luiden van de klokken op zaterdagavond na het angelus [zondag luiden, de zondag inluiden?]. [N 96A (1989)] III-3-3