| 18029 |
hik |
hik:
he.k (Q252p Moresnet),
hikkelepik:
he.kələpe.k (Q252p Moresnet),
hikkepik:
he.kəpe.k (Q252p Moresnet)
|
hik [hibbik, hikkepik, hippik] [N 10 (1961)]
III-1-2
|
| 34212 |
hoeden van koeien |
weiden:
węi̯jǝ (Q252p Moresnet)
|
[N 3A, 12a; N M, 2; JG 1a, 1b; A 48, 18c; L 1a-m; L 27, 5; S 14; Wi 39; R; monogr.]
I-11
|
| 33804 |
hoef |
hoef:
huf (Q252p Moresnet)
|
Zie afbeelding 2.26. [JG 1a, 1b; L 1, a-m; L 27, 6; N 8, 32.8 en 32.17; S 14]
I-9
|
| 22871 |
hoekschop |
corner (eng.):
Karte 168.
kornər (Q252p Moresnet)
|
Eckball.
III-3-2
|
| 20614 |
honger hebben |
een lege maag haan:
ənə lēͅjə mā:x ha. (Q252p Moresnet),
honger haan:
hoŋər ha. (Q252p Moresnet)
|
honger hebben [schrok hebbe] [N 10 (1961)]
III-2-3
|
| 20623 |
hongerig |
hongerig:
høŋərəx (Q252p Moresnet)
|
hongerig [greeg] [N 10 (1961)]
III-2-3
|
| 21043 |
honing |
honig:
hoǝ.nǝx (Q252p Moresnet)
|
Produkt door de bijen uit bloemvocht of nectar bereid en afgezet in de cellen van de raten. Honing is een zoete stof die door mensen als voedingsmiddel wordt gebruikt. [N 63, 43b; N 63, 111; L 1a-m; L 35, 105; S 14; S 38, JG 1a+1b; JG 2b-5; Ge 37, 128; A 9, 8; monogr.]
II-6
|
| 17570 |
hoofd |
kop:
In enkele samenstellingen bestaat er wel nog een overblijfsel van een oude hoofd-vorm.
ko.p (Q252p Moresnet)
|
hoofd [N 10b (1961)]
III-1-1
|
| 17571 |
hoofd (spotnamen) |
bolles:
bøləs (Q252p Moresnet),
klotskop:
klø.tš (Q252p Moresnet),
waterkop:
wa.tərko.p (Q252p Moresnet)
|
[N 10 (1961)]
III-1-1
|
| 22164 |
hooi |
hooi:
h˙ø̜i̯ (Q252p Moresnet)
|
Gemaaid en op het veld drogend of gedroogd gras. In de klankkaart is de klankkleur (eerst velair, dan palataal) en de lengte van de klinker aangegeven; korte klinkers hebben een toevoeging aan het symbool. De aan- en afwezigheid van de j-klank is niet in kaart gebracht, maar uit de varianten in het lemma zelf af te lezen; per aangegeven klankkleur en lengte staan steeds de diftongen vooraan. Wanneer er meer dan één variant voor een plaats was opgegeven, is bij voorkeur het materiaal van de mondelinge enquêtes in kaart gebracht. [N 7, 58; N 14, 88b en 128a; JG 1a, 1b; A 10, 17 en 20; A 16, 1-4; L 1 a-m; L 27, 17; L 34, 70; L 38, 35-36; RND 122; Wi 52; S 14; R (s]
I-3
|