e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Opglabbeek

Overzicht

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
traktatie bij het plaatsen van de mei add. trakteren (<lat.): trakteere (Opglabbeek) De tractatie bij het plaatsen van die tak of vlag. [N 88 (1982)] III-3-2
tralie stang: staŋ (Opglabbeek), tralie: trāli (Opglabbeek) een ijzeren tralie [ZND 08 (1925)] III-2-1
tranende ogen waterogen: watərøͅygə (Opglabbeek) oog: tranende ogen [sijp-, siep-, sijper-, seeper-, soep-, leep-, prutooge] [N 10 (1961)] III-1-1
trant gang: gank (Opglabbeek), gánk (Opglabbeek) gang: Wijze van gaan (gang, trant). [N 84 (1981)] || Wijze van gaan (gank, loop, trant) [N 108 (2001)] III-1-2
trap trap: trap (Opglabbeek, ... ), tràp (Opglabbeek), trapje: (indien klein)  trépke (Opglabbeek) Elk der boven elkaar gelegen en terugwijkende opstapjes die samen een trap in een huis vormen, waarlangs men naar een andere verdieping kan gaan (trede,tree,trap) [N 79 (1979)] || trap [ZND 06 (1924)], [ZND 12 (1926)] III-2-1
traploper loper: leiper (Opglabbeek), luiper (Opglabbeek), bijv. in de gang of op de trap  luiper (Opglabbeek), Ze hauwe de ruje leiper inne körk gelagd  leiper (Opglabbeek) lang en smal tapijt || loper || tapijt III-2-1
trapnaaimachine machine met trapper: machine met trapper (Opglabbeek) Naaimachine die men door trapbewegingen van de voet in beweging zet. [N 59, 17b] II-7
trappelen trampelen: trampelen (Opglabbeek), tràmpələ (Opglabbeek) Trappelen: in vlug tempo de voeten beurtelings oplichten en weer neerzetten (trappelen, trampelen, droebelen) [N 108 (2001)] || Trappelen: in vlug tempo de voeten beurtelings oplichten en weer neerzetten (trappelen, trampelen, droebelen). [N 84 (1981)] III-1-2
trappelende bewegingen maken trippelen: trø̄pǝlǝ (Opglabbeek) Het paard tilt de poten hoog genoeg op, maar werpt ze niet vooruit; het blijft ter plaatse trappelen. [N 8, 70b en 71] I-9
traproede hanenpoot: hānepŭŭte (Opglabbeek), roede: rooj (Opglabbeek) Elk van de houten of metalen staven die een traploper op zijn plaaats houden (roe, lat) [N 79 (1979)] III-2-1