| 21312 |
duits |
duits:
Duits (L331p Swalmen)
|
Duitsch [SGV (1914)]
III-3-1
|
| 24583 |
duivekervel |
kervel:
WLD
kérvel (L331p Swalmen)
|
Duivekervel (fumaria officinalis 10 tot 40 cm groot. De stengels groeien rechtop of liggend; de bladeren zijn zeer fijn verdeeld met langwerpige, lijnvormige slippen; de bloemen groeien in losse trosjes, ze zijn lichtroodviolet met bijna zwarte top, ze [N 92 (1982)]
III-4-3
|
| 21992 |
duiven inkorven |
inkorven:
inkorve (L331p Swalmen)
|
Hoe heet het in de reismand stoppen van de duif in het duivelokaal? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 21971 |
duiven inzetten |
inkorven:
inkorve (L331p Swalmen),
inzetten:
inzitte (L331p Swalmen)
|
Het inzetten van zowel mannelijke als vrouwelijke duiven die jonger zijn dan 1 jaar, nog ongepaard (natuurspel)? [N 93 (1983)] || Hoe heet het inzetten van duiven in wedstrijden? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 22098 |
duiven keuren |
uitzoeken:
oetzeuke (L331p Swalmen)
|
de duif keuren in het hok om over de deelneming aan een vlucht te beslissen? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 22035 |
duiven kweken |
fokken:
fokke (L331p Swalmen)
|
Wat is de dialectbenaming voor: duiven houden voor de voortplanting alleen? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 22113 |
duiven terugbrengen |
terugbrengen:
truuk bringe (L331p Swalmen)
|
de duiven terugbrengen? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 21965 |
duivenhok |
duivenhok:
doevehok (L331p Swalmen),
duivenkooi:
doevekooj (L331p Swalmen, ...
L331p Swalmen),
til:
tel (L331p Swalmen),
til (L331p Swalmen)
|
(duiven)til [SGV (1914)] || Duivenhok. || Hoe heet de woonplaats van de duif? [N 93 (1983)] || Soms vindt men in de nok van de zolder een afgeschotte ruimte voor de duiven, die door een gat in de gevel of in het dak in en uit kunnen vliegen. Hier staan de benamingen voor het duivenhok, ongeacht de vorm van dat hok, bijeen. De termen slag en spijker in dit lemma hebben betrekking op de duivenkooi als geheel. Zie ook het lemma "duivenslag" (3.4.8). In kaart 51 zijn voor Belgisch Limburg alleen de mondeling verzamelde gegevens in kaart gebracht. Zie afbeelding 17. [JG 1a, 1b, 1c, 2c; A 10, 9k; L 8, 9a; L 38, 31; S 37; monogr. add. uit N 5A, 58c "til" en JG 2c; A 28, 14c "spijker]
I-6, III-3-2
|
| 22156 |
duivenhok als een apart gebouw |
tuinhok:
tuinhok (L331p Swalmen)
|
een duivenhok als een apart gebouw? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 22079 |
duivenhok op een zolder |
zolderhok:
zölderhok (L331p Swalmen)
|
een duivenhok op een zolder? [N 93 (1983)]
III-3-2
|