e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Well

Overzicht

Gevonden: 1884
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
zijhamer zijhamer: zējhāmǝr (Well) Hamer met platte baan en pen. De steel van deze hamer kan lang of kort zijn. Zie ook afb. 34. In P 219 werd de zijhamer gebruikt om ploegmessen scherp te maken, in K 353 als derde voorhamer. [N 33, 73] II-11
zitten zitten: zitte (Well) zitten [SGV (1914)] III-1-2
zoeken zoeken: zuuke (Well) zoeken [SGV (1914)] III-1-2
zoethout zoethout: met een lengteteken op de o  zuuthŏlt (Well) zoethout [SGV (1914)] III-2-3
zoetvijl, fijne vijl zoetvijl: zȳt˲vīl (Well) Vijl met een fijn bekapt blad. Doorgaans heeft het blad van een zoetvijl ongeveer 60 tanden per inch (Handboek Gereedschap, pag. 238). De zoetvijl wordt gebruikt voor harde metalen en voor het afwerken en, aldus de invuller uit P 219, het polijsten of polieren van metalen. Het blad van de vijl kan verschillende vormen hebben. [N 33, 90; N 64, 53b-c] II-11
zolder zolder: zoldər (Well) zolder [SGV (1914)] III-2-1
zomen zomen: zywmǝ (Well) Van zomen voorzien. Zie ook het lemma ɛzoomɛ.' [N 59, 65; N 62, 14b; L 8, 127; MW; S 46; monogr.] II-7
zonde zonde: zēūnd (Well) zonde [SGV (1914)] III-3-3
zonden zonden: zēūnd (Well) zonden (mv.) [SGV (1914)] III-3-3
zoom zoom: zuwm (Well) De omgeslagen en vastgenaaide rand aan een stuk weefsel of een kledingstuk. Volgens Het Beste Naaiboek (pag. 290) zijn er drie soorten zomen: de omgeslagen zoom, de valse zoom en de apart aangezette zoom. Zie afb. 38. [N 62, 14a; L 8, 126; Gi 1.IV, 15; MW; S 46; monogr.] II-7