e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
op de voor bij de hand: bei̯ dǝ ha.nt (Lottum), bovenover: bōvǝnø̄.vǝr (Zonhoven), bǭvǝnǭvǝr (Siebengewald), langs de voor: lɛŋs ˲dǝ vōr (Diepenbeek, ... ), op de akker: ǫp .dǝr akǝr (Margraten), op de harde voor: op ˲dǝ hardǝ vōr (Mook), op de kant: op ˲dǝ kãnt (Merselo), op de voor: op ˲dǝ [voor] (Simpelveld), ǫp ǝ [voor] (As, ... ), ǫp ˲de [voor] (Beverst, ... ), op het land: ǫp˱ ǝt la.nt (Margraten), over de kant: ø̄.vǝr a ka.nt (Houthalen), ǫvǝr dǝ kãnt (Aijen), over het hard: ǫvǝr ǝt hárt (Horst), over het land: ǭvǝr ǝt la.ŋk(t) (Kronenberg) Het paard dat voor een voetploeg gespannen is gaat "op de voor": het loopt vlak langs de vorige ploeggeul, op de strook die nog niet is omgeploegd. Op de voor loopt ook het linker paard (van achteren gezien) als de ploeg door een tweespan getrokken wordt. Doorgaans zijn de termen voor dit begrip ook toepasselijk op het linker voorwiel van een karploeg. [JG 1a; N 11A, 141c; monogr.] I-1