e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
scharnierbeitel fitsbeitel: feds˱bãtǝl (Tessenderlo), feds˱bãʔǝl (Tessenderlo), fets˱bęjtǝl (Buchten, ... ), fetš˱b ̇ęjtǝl (Gronsveld), fetš˱bētǝl (Mechelen), fetš˱bęjtǝl (Groot Genhout, ... ), vetš˱bētǝl (Oirsbeek), fitsenbeitel: fetsǝbęjtǝl (Posterholt, ... ), fetsǝnbęjtǝl (Dilsen, ... ), fitsǝbęjtǝl (Echt), fitšǝbētǝl (Eygelshoven, ... ), fitsenijzer: fetsǝnīzǝr (Sittard), fitšǝ-īzǝr (Bleijerheide), fitsijzer: fitš˱īzǝr (Klimmen), kantbeitel: kānt˱bęjtǝl (Leopoldsburg), pitsbeitel: petš˱bęjtǝl (Geulle), pivotbeitel: pevǝt˱bęjtǝl (Dilsen), pivobęjtǝl (Venlo), pivø̜bęjtǝl (Leopoldsburg), pivǫt˱bęjtǝl (Herten), pivotbeiteltje: pivubiǝtǝlkǝ (Bilzen  [(6 mm breed)]  ), ploegbeitel: plōx˱bęjtǝl (Doenrade) Hakbeitel waarvan heft en blad uit één stuk staal gesmeed zijn. Het beitelblad heeft aan de voorkant een zeer smalle, schuingeslepen zijde. De beitel wordt gebruikt voor het aanbrengen van smalle sleuven en gaten en vaak ook voor het inhakken van de sleuven voor scharnieren. Zie ook afb. 67. Een holte in een kozijn maken met behulp van de scharnierbeitel werd in Gronsveld (Q 193) infitsen (īnfetšǝ) genoemd. [N 53, 41-42; N G, 27b; monogr.] II-12