e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
sterke trasmortel aardecement: ērtsǝmɛnt (Jabeek), brayeurkalk: brijø̄rkalǝk (Bevingen), brayeurmortel: brīø̜̄rmortǝl (Kuringen), brayeurmortie: breø̜̄rmǫrte (Zepperen), dodekop: dūǝjǝkǫp (Neeritter  [(voor vloeren: rode aarde)]  ), gewone mortel: gǝwuwǝnǝ mø̜ʔǝl (Tessenderlo), kalkmortel: kalǝk[mortel] (Meeuwen, ... ), metselspijs: mętsǝlšpīs (Rothem), mortel: mǫrtǝl (Achel, ... ), plekmortel: plɛkmǫrtǝl (Kleine-Brogel, ... ), rode mortel: rwojǝ mǫrtǝl (Boorsem), rode mortie: rujǝ mǫrtī (Sint-Truiden), roerspijs: rūršpī.s (Vaals), specie: špēsi (Belfeld), steenaarde: štęjnē̜rt (Helden  [(zeer oud)]  ), tras: tras (Ell, ... ), trasmortel: trasmǫrtǝl (Klimmen), trasmortie: trasmǫrti (Eijsden), trasspecie: trasspēsi (Sittard, ... ), trasspijs: tras[spijs] (Gronsveld, ... ), traszandspijs: tras˲zantšpīs (Klimmen) Mortel bestaande uit tras en kalk, volgens de invuller uit Q 35a gebruikt voor waterdicht werk. Zie voor de fonetische documentatie van het woorddeel '-(spijs)' het lemma 'Mortel'. [N 30, 37b] II-9