e-WLD begrippen 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 1

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
tuten fluiten: fluiten (Ysselsteyn), flø̄tǝ (Diepenbeek), flø̜jtǝ (Wellerlooi), piepen: piepen (Kerkhoven), toeten: tutǝn (Genk), tuǝtǝ (Houthalen), tūtǝ (Stein), tūtǝn (Millen), tūwtǝn (Houthalen), tuten: tuten (Achel, ... ), tyten (Asenray / Maalbroek, ... ), tytǝ (Born, ... ), tȳtǝ (Asenray / Maalbroek, ... ), tȳtǝn (Asenray / Maalbroek, ... ) Het geluid dat de koningin maakt die haar cel reeds verlaten heeft. Op het doffe kwaken van de ongeboren koninginnen antwoordt de pas uitgelopen koningin met een hoog tutend geluid. Dit is het teken dat zij er is. Zij zal proberen zo spoedig mogelijk de nog in de cellen opgesloten koninginnelarven te doden. Dit wordt echter verhinderd door de werkbijen. Het tuten is voor de imker een zeker teken dat er de volgende dag of op zijn laatst nog een dag later een nazwerm zal afkomen. [N 63, 33a; N 63, 32a; N 63, 33b; Ge 37, 42] II-6