| 18205 |
kraag |
col (fr.):
col (P219p Jeuk),
kol:
kǫl (P219p Jeuk),
kraag:
kreag (P219p Jeuk)
|
Deel van een kledingstuk. De omgevouwen of opstaande rand langs de halsopening van een jas, japon, overhemd enz. [N 62, 31c; MW; monogr.] || Hoe noemt U: de kraag [N 62 (1973)] || kraag [ZND 28 (1938)]
II-7, III-1-3
|
| 22858 |
kraaltjes |
kraaltjes:
krö:əlkəs (P219p Jeuk)
|
kraaltjes [RND]
III-3-2
|
| 32621 |
kraan van de metalen gierton |
kraan:
krǭǝn (P219p Jeuk)
|
De kraan van de zinken gierton bestaat uit een korte, met een schuif of klep te sluiten buis, die van achteren voorzien is van of zich voortzet in een schuine of opgebogen lip of plaat. Als de kraan geopend is, stroomt de gier uit de ton tegen deze lip op waardoor zij zich in een wijde boog verspreidt. De in dit lemma opgenomen termen hebben achtereenvolgens betrekking op de kraan, het sluitstuk als geheel, het gierverspreidend onderdeel daarvan en de schuif of klep waarmee de kraan geopend en gesloten wordt. [JG 1a + 1b; N P, 6; N 11A, 54c; monogr.]
I-1
|
| 17918 |
krabben |
dabben:
dabbe (P219p Jeuk),
kretsen:
kretse (P219p Jeuk)
|
Zijn hoofd krabben tegen de jeuk (dabben, kretsen, kratsen). [N 109 (2001)]
III-1-2
|
| 23718 |
kralen van de rozenkrans |
kralen:
de kraowle van de roezenkrans (P219p Jeuk)
|
De kralen van de rozenkrans [de kralle, krelkes, kraole, kräölkes?]. [N 96B (1989)]
III-3-3
|
| 21340 |
kramer |
kramer:
bevolken kermis met tenten en kramen
kremer (P219p Jeuk),
staat op kermis of foor met waren om te verkopen
kremer (P219p Jeuk)
|
Kramer. [ZND 36 (1941)]
III-3-1
|
| 21342 |
krant |
gazet (<fr.):
gazet (P219p Jeuk)
|
een dagelijks verschijnend drukwerk ter verspreiding van nieuws en wetenswaardigheden en tot voorlichting van het publiek [gazet, krant, courant, journaal, dagblad] [N 87 (1981)]
III-3-1
|
| 31339 |
kraspen |
traceerpunt:
trasɛjrpønt (P219p Jeuk)
|
In het algemeen een werktuig waarmee de metaalbewerker de afmetingen van een werkstuk op het plaatmateriaal aftekent. Het bestaat doorgaans uit een spitse stalen of koperen stift die soms in een houten heft gevat kan zijn. Zie ook afb. 71. [N 33, 245; N 64, 82a; N 64, 82c; monogr.]
II-11
|
| 25034 |
krassen |
kretsen:
kretsen (P219p Jeuk),
kretsen maken:
kretsen maken (P219p Jeuk),
schrabben trekken:
schrabben trekken (P219p Jeuk)
|
het geluid geven van een scherp voorwerp dat over een hard oppervlak schraapt [skratsen, krassen, kratsen] [N 91 (1982)] || krassen [ZND 01 (1922)]
III-4-4
|
| 21031 |
kreeft |
kreeft:
ook in ZND 28, 048
kreeft (P219p Jeuk)
|
kreeft [ZND 01 (1922)]
III-2-3
|