| 19501 |
schuifgrendel |
sleup:
sleup (Q199p Moelingen),
slö.p (Q199p Moelingen)
|
schuifgrendel [N 07 (1961)]
III-2-1
|
| 22824 |
schutter |
schutter:
schöter (Q199p Moelingen),
sjötər (Q199p Moelingen)
|
schutter [RND] || Schutter. [Willems (1885)]
III-3-2
|
| 19935 |
schuur |
schuur:
šȳr (Q199p Moelingen),
šø̄r (Q199p Moelingen)
|
Het apart staande of aan de stallen vastgebouwde bedrijfsgebouw, waarin de oogst geborgen wordt, ook dienend om in te dorsen en, vooral bij kleinere boerderijen, ook om landbouwwerktuigen te bergen. De voornaamste gelijkvloerse delen van de schuur zijn de dorsvloer en de tasruimte(n) naast de dorsvloer. Boven de dorsvloer bevindt zich veelal een balkenzolder. Zie afbeelding 12. [N 5A, 66a; JG 1a en 1b; A 11, 4; L 12, 1; S 32 en 50; Wi 15; Gi 2.I, 20; monogr.; add. uit N 5A, 71a en 71c]
I-6
|
| 19778 |
sering |
meibloem:
-
meibloem (Q199p Moelingen, ...
Q199p Moelingen),
Komt voor in WLD III, Flora; daar ontbreekt het ZND materiaal; aan ZND 02 is hier toegevoed het materiaal van ZND 15 (1930), 022
meiblom (Q199p Moelingen)
|
sering || Syringa vulgaris, Fr. Lilas [ZND 02 (1923)]
I-7, III-4-3
|
| 21256 |
servituut |
veldweg:
ene veldwjeg (Q199p Moelingen)
|
Hoe heet een weg, die vanaf de straat toegang geeft tot een akker, die anders niet zou te bereiken zijn? [ZND 37 (1941)]
III-3-1
|
| 24242 |
sijs |
sijs:
sijs (Q199p Moelingen)
|
sijs [Willems (1885)]
III-4-1
|
| 28694 |
sikkel |
zikkel:
zikǝl (Q199p Moelingen)
|
Werktuig in de vorm van een halve cirkel met een korte steel dat gebruikt wordt om gras en soms ook wel graan te maaien. In Noord Ned. Limburg is herhaaldelijk opgemerkt: "zelden in handen van boeren ... het is een typisch vrouwengereedschap" (L 270). [N 11, 88; N 18, 79; JG 1a, 1b, 2c; A 4, 28 en 28a; A 14, 7 en 11; A 23, 16.2; L 20, 28; L 42, 46; L 45, 11; Lu 1, 16.2; NE 2, 1; Wi 51; monogr.; add. uit N Q, 11c]
I-5
|
| 22799 |
sint-maarten |
sint-maarten:
sint miërten (Q199p Moelingen)
|
Sint-Maarten. [ZND 38 (1942)]
III-3-2
|
| 17870 |
slaan |
houwen:
bōnt ɛn blaow gəhòwə (Q199p Moelingen),
gR"n ɛn blaow gəhòwə (Q199p Moelingen),
slaan:
bōnt ɛn blaow gəslùəgə (Q199p Moelingen),
gR"n ɛn blaow gəslùəgə (Q199p Moelingen)
|
bont en blauw geslagen [RND]
III-1-2
|
| 24375 |
slak |
slak:
slek (Q199p Moelingen)
|
slak [Willems (1885)]
III-4-2
|