| 18160 |
zwachtel |
vees:
veṣ (Q253p Montzen)
|
Zwachtel: lange, smalle strook dun linnen of verbandgaas bijv. voor het verbinden van een wond (windel, zwachtel, vees). [N 107 (2001)]
III-1-2
|
| 20355 |
zwager |
schoonbroer:
schönbroor (Q253p Montzen, ...
Q253p Montzen),
zwager:
zwòger (Q253p Montzen, ...
Q253p Montzen),
zwóóger (Q253p Montzen, ...
Q253p Montzen)
|
schoonbroeder [ZND 06 (1924)] || schoonbroer/-broeder [ZND 11 (1925)]
III-2-2
|
| 17745 |
zwak, slap |
zwak:
zwāx (Q253p Montzen),
Niet sterk.
zwâch (Q253p Montzen)
|
zwak [ZND m] || Zwak (uitspraak en bet). [ZND 08 (1925)]
III-1-1
|
| 18537 |
zwart pak |
zwart kostuum:
zwat kostym, meyt ənə roͅk, [ə kaməzōͅl ĕn ən [gəštribdə boks (Q253p Montzen)
|
zwarte pak, bestaande uit korte jas, vest en gestreepte broek [N 59 (1973)]
III-1-3
|
| 33481 |
zwarte bes |
wiemelen:
verzamelfiche, ook mat. van ZND01, u en ZND02, 4
wimmel (Q253p Montzen),
zwarte wiemelen:
verzamelfiche, ook mat. van ZND01, u en ZND02, 4
schwate wimele (Q253p Montzen)
|
zwarte aalbes [ZND 01 (1922)]
I-7
|
| 24288 |
zwarte roodstaart |
roodstuikje:
rūetstükske (Q253p Montzen)
|
roodstaartje [ZND m]
III-4-1
|
| 31065 |
zwartmaken |
zwarten:
žwęǝtsǝ (Q253p Montzen)
|
Het insmeren van bepaalde delen van het schoeisel met zwartsel. [N 60, 132c]
II-10
|
| 31063 |
zwartsel |
zwart:
žwęǝts (Q253p Montzen)
|
Vocht waarmee men bepaalde delen van de schoen zwart maakt. Volgens de informant van L 267 wordt deze verfstof samengesteld uit roet, water en was, vooral bijenwas. De informant van K 278 vermeldt nog "olie" als ingrediënt. [N 60, 132a]
II-10
|
| 30883 |
zwartselreservoirtje |
zwartsmaat:
žwęǝtsmø̄t (Q253p Montzen),
zwartspot:
žwęǝtspot (Q253p Montzen)
|
Busje, potje, fles of kruik waarin met het zwartsel bewaart. [N 60, 194d]
II-10
|
| 28726 |
zwartwerken |
treur maken:
trȳr mākǝ (Q253p Montzen)
|
Het maken van zwarte gelegenheidskleding voor feestelijke en droevige gelegenheden. [N 59, 194c]
II-7
|