e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Montzen

Overzicht

Gevonden: 3044
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
bovenneus muil: mul (Montzen) De normale neus, die boven de binnenneus van de schoen zit. [N 60, 81b] II-10
bovenneus [wld ii.10, p. 25] muil: mul (Montzen) De normale neus die daarboven zit (bovenneus?) [N 60 (1973)] III-1-3
boventuig ovenste: ø̜vǝštǝ (Montzen), schacht: šęxt (Montzen) Het bovenste gedeelte van de schoen, het overleer. [N 60, 14; N 60, 15a; N 60, 6b] II-10
boventuig [wld ii.10, p. 23] overste: øvəštə (Montzen) Het bovenste gedeelte van de schoen (boventuig, bovenwerk, bovenstuk?) [N 60 (1973)] III-1-3
bovenwijdte breedte in gen schouderen: brejdǝ e gǝn šowǝrǝ (Montzen), breedte onder gen armen: brejdǝ ondǝr gǝn ęrǝm (Montzen) De omtrek boven van mannen en vrouwen. Bij mannen wordt de bovenwijdte gemeten horizontaal onder de armen, terwijl men bij vrouwen de omtrek van achter meet, horizontaal onder de armen en boven of over de buste. Zie afb. 26. [N 59, 44b] II-7
braadworst belster: beͅ:l.stəs (Montzen), braadworst: bratwòaṣt (Montzen), verse worst om te braden  broodwòòsj (Montzen) braadworst [N 06 (1960)], [ZND m] || worst van rauw vlees [ZND 21 (1936)] III-2-3
braaf braaf: braaf (Montzen), brāf (Montzen), t keenk es braaf (Montzen), t keent es braaf (Montzen) braaf (wijs) [ZND 04 (1924)] || braaf, gezegd van een kind [N 06 (1960)] III-1-4
braambes bramelen: broͅmələ (Montzen), zie ook ZND01 a-m (geen verzamelfiches)  bromele (Montzen), zie ook ZND01 u (geen verzamelfiches)  brómel (Montzen) braam(bessen) [RND] || braambes [ZND 01 (1922)], [ZND 01u (1924)] III-4-3
braambessen bramelen: bromǝlǝ (Montzen) Als aanvulling op de vraag die in het lemma Braam is behandeld werd ook geïnformeerd naar de benamingen van de vrucht van de braamstruik. [JG 1b gedeeltelijk, 1c, 2c] I-5
braamstruik bramen: brīēm (Montzen) braam (struik) [ZND 32 (1939)] III-4-3