e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Montzen

Overzicht

Gevonden: 3044
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
gans gans: gīs (Montzen) [A 2, 42; A 6, 5a; A 6, 5b; A 6, 5c; S 9; L 1a-m; L 1, 58; JG 1a, 1b, 1c, 1d; Vld.; monogr.] I-12
garen garen: gā.n (Montzen), gān (Montzen), jān (Montzen) Gesponnen draad in het algemeen. Het garen kan gemaakt worden van allerlei vezels, bijv. katoen, wol, zijde en linnen. [N 62, 55a; N 59, 6a; L 1a-m; L 7, 58; L 17, 4; L 28, 14; L A1, 18; L B1, 69; L B1, 80; MW; S 7; monogr.] II-7
garenklosje, garenpijpje garenrolletje: gānrø̄lšǝ (Montzen) Doorboord klosje waarop het garen is gewonden of pijpje waarop het garen zit. [N 59, 9; N 62, 56a; N 62, 56b; Gi 1.IV, 23; MW; monogr.] II-7
gasijzer strijkijzer met gas: strīkīzǝr męt gās (Montzen) Hol persijzer dat verhit wordt in een apparaat op gas. De informanten van L 416, Q 88 en Q 99 melden dat zij geen gasijzers gebruiken. De informant van Q 198 kent het gasijzer niet. De informant van L 265 kent het gasijzer niet maar is wel bekend met het spiritusijzer. [N 59, 21c] II-7
gast gast: gāst (Montzen) gast [ZND m] III-3-1
gat, opening kot: kul (Montzen), lok: loͅ.k (Montzen, ... ), lòak (Montzen), lòk (Montzen), (klank van Hgd. Loch).  loͅk (Montzen) gat [ZND 01 (1922)] III-4-4
gebed gebed: ət gebɛt (Montzen) Een gebed, [jebed?]. [N 96B (1989)] III-3-3
gebeden gebeden: də gəbɛdə (Montzen) De gebeden meervoud. [N 96B (1989)] III-3-3
gebedsweek gebedsweek: də gəbɛtswɛək (Montzen) Een gebedsweek. [N 96B (1989)] III-3-3
gebeier luiden, het ~: et loege (Montzen) Het gelui, het gebeier van de klok(ken). [N 96A (1989)] III-3-3