| 23718 |
kralen van de rozenkrans |
kraaltjes:
krelkes (L423p Stokkem),
kralen:
kralle (L423p Stokkem)
|
De kralen van de rozenkrans [de kralle, krelkes, kraole, kräölkes?]. [N 96B (1989)]
III-3-3
|
| 32072 |
kram |
klam:
klam (L423p Stokkem)
|
U-vormig gebogen ijzerdraad die aan beide einden van een punt is voorzien. [N 54, 18; monogr.]
II-12
|
| 21340 |
kramer |
kramer:
vent die kermissen aftrekt
kramer (L423p Stokkem)
|
Kramer. [ZND 36 (1941)]
III-3-1
|
| 31339 |
kraspen |
grif:
gref (L423p Stokkem),
puntijzer:
pønt˱īzǝr (L423p Stokkem)
|
In het algemeen een werktuig waarmee de metaalbewerker de afmetingen van een werkstuk op het plaatmateriaal aftekent. Het bestaat doorgaans uit een spitse stalen of koperen stift die soms in een houten heft gevat kan zijn. Zie ook afb. 71. [N 33, 245; N 64, 82a; N 64, 82c; monogr.]
II-11
|
| 21031 |
kreeft |
kreeft:
kraeft (L423p Stokkem)
|
kreeft [Willems (1885)]
III-2-3
|
| 24339 |
krekel |
krekel:
kriekel (L423p Stokkem),
krĭkəl (L423p Stokkem)
|
krekel [Willems (1885)], [ZND 01 (1922)]
III-4-2
|
| 20708 |
krentenbol |
brioche (fr.):
brioš (L423p Stokkem)
|
Krentenbroodje, krentenbol (krintenbol, briosj, krennee, krennie?) [N 16 (1962)]
III-2-3
|
| 20707 |
krentenbrood |
koffiekoek:
verzamelfiche ook mat. van ZND 1 (a-m)
ko͂ͅfikô:k (L423p Stokkem),
krentenweg:
krentəwek (L423p Stokkem)
|
krentenbrood [ZND 28 (1938)] || Krentenbrood (krintemik, kramiek, beezenbrood, rezienemik, lippert, pruukesweg?) [N 16 (1962)]
III-2-3
|
| 17994 |
kreunen van de pijn |
kreunen:
krøy.nt (L423p Stokkem)
|
hij kreunt van de pijn [ZND 28 (1938)]
III-1-2
|
| 31458 |
kreushamer |
boordhamer:
bø̜rāmǝr (L423p Stokkem),
ophaler:
ǫpǭlǝr (L423p Stokkem
[(met één kop)]
),
voorhamer:
vø̜rāmǝr (L423p Stokkem)
|
Hamer met aan één of twee zijden een plattoelopende, licht stompe kop. De steel van de hamer kan in het midden of aan een eind van de kop zijn aangebracht. Zie ook afb. 154. Volgens Vuylsteke (pag. 63) dient de hamer om geulen in plaatmateriaal te slaan. In de koperslagerijen in L 246 en L 266 werd de hamer echter gebruikt om een boord aan een werkstuk te drijven. [N 66, 6m-n]
II-11
|