| 17641 |
ruggenwervel |
wervel:
wervel (L210p Venray)
|
[N 10 (1961)]
III-1-1
|
| 24240 |
rui |
geruizel:
gerūzel (L210p Venray)
|
uitvallen v veren, ruien
III-4-1
|
| 21936 |
ruien |
ruizelen:
ruuzelle (L210p Venray),
rūzele (L210p Venray)
|
Hoe heet het volledig vernieuwen van het vederkleed? [N 93 (1983)] || veer: elk der huidbekleedsels van een vogel bestaande uit een buisje dat aan weerszijden baarden en baardjes draagt (pluim, veer) [N 100 (1997)]
III-3-2, III-4-1
|
| 22380 |
ruilen (als spel) |
koetelen:
koetele (L210p Venray),
tuisen:
tuusse (L210p Venray),
Tuse mit toew tés: Goederen ruilen zonder gebruik van geld. Ontl. < Du.
tuse (L210p Venray)
|
Het spel waarbij men voorwerpen met elkaar ruilt [ruilen, koetelen, tuilen, toesen, tuisen, mangelen, tuitelen, paarden]. [N 88 (1982)] || Ruilen van evenwaardige hoeveelheid.
III-3-2
|
| 23451 |
ruimte onder de toren |
onder de toren:
oonder de toore (L210p Venray)
|
De ruimte onder een naast de kerk staande toren. [N 96A (1989)]
III-3-3
|
| 33750 |
ruin |
ruin:
ryn (L210p Venray)
|
Gecastreerde hengst. Als de veulens één à twee jaar zijn en de ballen voldoende gezakt en zichtbaar in de balzak zijn, worden zij gecastreerd. Een hengst van drie tot vijf jaar die om de een of andere reden op deze leeftijd nog gecastreerd wordt, wordt meestal gesneden hengst en niet ruin genoemd. [JG 1a, 1b; A 4, 2c; L 20, 2c; L 39, 43; N 8, 20 en 38; S 27; monogr.]
I-9
|
| 24847 |
ruisen van bladeren |
suizen:
Veldeke 1979, nr. 1
suuze (L210p Venray),
WLD
sōēzen (L210p Venray)
|
Het ruisen van bomen (ruisen, ruizelen, reuzelen, snirsen). [N 82 (1981)]
III-4-3
|
| 22753 |
ruiten in het kaartspel |
ruiten:
rute (L210p Venray),
rŭute (L210p Venray),
rŭŭten oas (L210p Venray)
|
Hoe noemt u van het kaartspel de verschillende symbolen? (Het gaat om de gewone namen, niet om woorden voor "troef"enz.). - III. Ruiten. [DC 52 (1977)] || Ruiten: Ruiten aas. [SGV (1914)] || Éen van de vier figuren bij het kaartspel.
III-3-2
|
| 22981 |
ruiten in het kaartspel add. |
`ruttut` zei de boer en smeet de glas in:
`ruttut`, zaeg d`n boēr en smeet de glaas ien (L210p Venray)
|
Ruiten uitspelen bij het kaarten.
III-3-2
|
| 21937 |
ruitijd |
ruitijd:
de rui tied (L210p Venray)
|
Hoe heet de tijd waarin de duiven verpluimen? [N 93 (1983)]
III-3-2
|