e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Veulen

Overzicht

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
vlaaischotel vlaaischotel: flaajschòttel (Veulen) vlaaischotel III-2-1
vlag drapeau (fr.): drapow (Veulen) een vlag (die aan het huis wordt uitgestoken) [ZND B2 (1940sq)] III-3-1
vlechten vlechten: vlejxtə (Veulen) vlechten [ZND A1 (1940sq)] III-1-1
vleugels in de wanmolen vleugers: vlø̜i̯gǝrs (Veulen) De schuingeplaatste plankjes die op een as zijn gemonteerd die wordt aangedreven, waardoor er een windstroom ontstaat, in de wanmolen. [N 14, 45b; JG 1a, 1b, 2c; monogr.] I-4
vliegenraam, hor gaasraam: gaasraam (Veulen), vliegenhortje: vliēgehörtje (Veulen) hor || vliegenhorretje III-2-1
vlieger vlieger: enə vlīgər (Veulen) Een vlieger (Fr. cerf-volant). [ZND B1 (1940sq)] III-3-2
vlier heulenteer: gecombineerd met ZND 8 055, idem  hoeulentijer (Veulen), høͅlintēr (Veulen) vlierboom (sambucus nigra) [ZND 15 (1930)] III-4-3
vloertegel plavuis: gebakken vloertegel  plevuūs (Veulen), tichel: tixəl (Veulen) plavuis || tegel (gebakken vloersteen) [ZND B1 (1940sq)] III-2-1
vlug pront: proont (Veulen) pront, vlot, betrouwbaar, secuur III-1-4
vod vod: vodə (Veulen) vodden, lompen [ZND B1 (1940sq)] III-1-3