| 22740 |
kopjeduikelen |
keukelebusje schieten:
kükkelebüske schiete (L214p Wanssum),
keukelen:
keukele (L214p Wanssum),
kükkele (L214p Wanssum),
kopkeukelen:
Sub kükkele.
kopkükkele (L214p Wanssum)
|
duikelen, voorover vallen [stulpe, stölpe] [N 10 (1961)] || Duikelen. || Kopje duikelen. || Omvallen, buitelen, rollen, tuimelen.
III-3-2
|
| 21944 |
koppel |
koppel:
Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook bijlagevellen met (eventuele) aanvullingen en diverse toelichtingen.
koppel (L214p Wanssum)
|
Wat is de dialectbenaming voor: een paar? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 20368 |
koppelen |
koppelen:
Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook bijlagevellen met (eventuele) aanvullingen en diverse toelichtingen.
koppele (L214p Wanssum)
|
Wat is de dialectbenaming voor: het bij elkaar zetten van duivers (doffers) en duivinnen? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 19325 |
koppig |
koppig:
köppig (L214p Wanssum),
steens:
stɛns (L214p Wanssum)
|
[JG 1a; A 48A, 41a; N 8, 64h]koppig
I-9, III-1-4
|
| 20109 |
korenbloem |
korenbloem:
korǝblum (L214p Wanssum),
-
ko:rrebloem (L214p Wanssum),
kôrrebloem (L214p Wanssum)
|
Centaurea Cyanus L. Een niet meer zo algemeen voorkomende plant met blauwe bloemen, een spinselachtig behaarde stengel en dunne lancetvormige bladeren, die groeit in korenvelden, op zandgronden en in bermen. De plant bloeit van juni tot augustus en varieert in hoogte van 30 tot 60 cm. [A 13, 14; L 34, 31; monogr.; add. uit JG 1b] || korenbloem [DC 13 (1945)]
I-5, III-4-3
|
| 33092 |
korenmijt zetten |
mijten:
mitǝ (L214p Wanssum)
|
Het maken van de korenmijt. Zie de toelichting bij het lemma ''buitenstaande korenmijt'' (5.1.18). Het object van de overgankelijke werkwoorden is steeds: een korenmijt, of, kortweg, koren. [N 15, 44; JG 1a, 1b; monogr.]
I-4
|
| 32536 |
korf |
korf:
kø̜̄rǝf (L214p Wanssum)
|
In het algemeen een uit wissen gevlochten en van een hengsel voorziene mand. Zie ook afb. 284. [N 20, 53; N 40, 37; monogr.]
II-12
|
| 20617 |
korst |
broodkorst:
bruətkōrst (L214p Wanssum)
|
broodkorst
III-2-3
|
| 18013 |
kortademig |
dempig:
dempig (L214p Wanssum)
|
kortademig [kort, kortborstig, dempig] [N 10a (1961)]
III-1-2
|
| 21978 |
korteafstandsvlucht |
sprintvluchtje:
Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook bijlagevellen met (eventuele) aanvullingen en diverse toelichtingen.
sprintvluchtje (L214p Wanssum)
|
korte afstandsvlucht (minder dan 100 km)? [N 93 (1983)]
III-3-2
|