| 18286 |
lange broek |
lange broek:
lang brok (L414p Houthalen)
|
lange broek (hoe heet ...?) [ZND 22 (1936)]
III-1-3
|
| 17610 |
lange neus |
lange gevel:
lange geivel (L414p Houthalen)
|
neus, Een lange ~ (fokker, domphoren, vonk, koker, kuit, gevel). [N 106 (2001)]
III-1-1
|
| 24906 |
lange tijd |
hele toer:
ne hŭle toer (L414p Houthalen),
toer:
tūr (L414p Houthalen)
|
een lange tijdsruimte [toer] [N 91 (1982)]
III-4-4
|
| 21977 |
langeafstandsvlucht |
fond:
fond (L414p Houthalen)
|
lange afstandsvlucht (300 km of meer)? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 17809 |
langen |
langen:
Geven, toereiken (nooit betekenis van nemen).
laŋə (L414p Houthalen)
|
Is bij u een werkwoord langen bekend? Schrijf de juiste betekenis tussen haakjes achter de dialectuitspraak (geven, nemen, overreiken enz.). [ZND 37 (1941)]
III-1-2
|
| 24418 |
langpootmug |
hooiwagen:
hooiwagen (L414p Houthalen)
|
Hoe noemt u de grote mug met bijzonder lange, breekbare poten (langpootmug, horlogemaker, glazemaker, snijder) [N 83 (1981)]
III-4-2
|
| 33774 |
langwerpige streep van voorhoofd tot neus |
streep:
strip (L414p Houthalen),
stręi̯p (L414p Houthalen)
|
Lange, witte streep over de paardekop tot halverwege de neus, naar de vorm in verschillende soorten onderscheiden: ''halve'' en ''doorlopende bles'', ''smalle'' en ''brede bles'', en als ze de hele snuit wit kleur: witte muil, snuit. Zie ook het vorige lemma met ''bles'' in de betekenis van een naar voren hangend haarbosje. Zie afbeelding 4. [JG 1a, 1b; N 8, 27b]
I-9
|
| 25079 |
langzaam, traag |
langzaam:
dat giet langzaam (L414p Houthalen),
traag:
da xit truōͅwx (L414p Houthalen),
truəx (L414p Houthalen)
|
langzaam [lui, traag, stil, telijig] [N 91 (1982)] || Langzaam. Dat gaat langzaam [ZND 37 (1941)]
III-4-4
|
| 34017 |
langzamer |
stilletjes:
stølǝkǝs (L414p Houthalen)
|
Voermansroep om het paard langzamer te doen gaan. [N 8, 95h en 96]
I-10
|
| 19599 |
lantaarn |
lantaarn:
lantei̯ən (L414p Houthalen),
lantiēn (L414p Houthalen),
letairn (L414p Houthalen)
|
lantaarn [ZND 37 (1941)], [ZND B1 (1940sq)]
III-2-1
|