| 21491 |
tussenpersoon |
maquignon (fr.):
mokkejon (Q098p Schimmert),
mâkkeljông (Q098p Schimmert)
|
een tussenpersoon in de handel (van producent naar winkelier) [makkeljon] [N 89 (1982)]
III-3-1
|
| 21618 |
twee centiem |
twee centiem:
twei centiem (Q098p Schimmert),
ps. letterlijk overgenomen (dus niet(s) omgespeld!).
twĕĕ centīēm (Q098p Schimmert)
|
koperen munt van 2 centiem [N 21 (1963)]
III-3-1
|
| 21626 |
twee frank |
twee frank:
ps. letterlijk overgenomen (dus niet(s) omgespeld!).
twĕĕ frang (Q098p Schimmert)
|
2 franc, een ~ (van zilver) [N 21 (1963)]
III-3-1
|
| 32960 |
tweede grasoogst |
zomergras:
zø̄mǝrgrās (Q098p Schimmert)
|
Het gras dat de koeien afgrazen als ze voor de tweede maal in de wei lopen. [N 14, 129b]
I-3
|
| 32958 |
tweede klaveroogst |
naklee:
nāklīǝ (Q098p Schimmert)
|
In verband met de benamingen voor nagras is de informanten ook gevraagd of ze een specifiek woord kenden voor de tweede klaveroogst; hier zijn alleen de opgaven opgenomen die afweken van die voor ''nagras''. [N 14, 128c]
I-3
|
| 23251 |
tweede luiden voor de mis |
luiden:
loeë (Q098p Schimmert),
trumpen:
t trŭmpt (Q098p Schimmert)
|
De klok luiden vóór de aanvang van de doordeweekse mis(sen). [N 96A (1989)] || Het tweede luiden vóór de hoogmis [tezamen luiden, tsezame loeë]. [N 96A (1989)]
III-3-3
|
| 21648 |
tweede verkoping |
toeslag:
de toesjlaag (Q098p Schimmert),
ps. letterlijk overgenomen (dus niet(s) omgespeld!).
den tōēschláag (Q098p Schimmert)
|
de tweede verkoping i.v.m. een openbare verkoping van onroerende goederen, waarbij wordt afgemijnd [de toeslag?] [N 21 (1963)]
III-3-1
|
| 20427 |
tweeling |
tweeling:
twēi̯leŋ (Q098p Schimmert),
twęi̯leŋ (Q098p Schimmert)
|
De woordtypen tweeling, tweerling, kweeling, koppel en de meervoudige begrippen als twee lammetjes duiden op twee schapen, maar tweelingslam, tweelinglam, tweelingslammetje, tweelingsschaap en tweerlinglam wijzen op één lam van een tweeling. [N 77, 138; N 70, 4]
I-12
|
| 34482 |
tweeslachtige jonge kip |
pul:
pøl (Q098p Schimmert)
|
Met betrekking tot het woordtype loerhaan merken informanten op, dat deze een haan is met een geslachtelijke afwijking of dat deze het uiterlijk van een haan heeft maar geen volledige haan is. [N 70, 10; N C, add.; N 19, add.; monogr.]
I-12
|
| 34234 |
tweespeen |
demer:
dē̜mǝr (Q098p Schimmert),
tweedemer:
twɛi̯dē̜mǝr (Q098p Schimmert)
|
Koe die slechts uit twee spenen melk geeft. [N 3A, 66]
I-11
|