| 34114 |
speen van de koe |
deem:
diǝm (L270p Tegelen),
dēm (L270p Tegelen)
|
[N C, 12; JG 1a, 1b; A 30, 6a; L 8, 24b; L 14, 27b; L 49, 6a; monogr.]
I-11
|
| 25457 |
spekhaak |
vleeshaak:
vlęjshø̜k (L270p Tegelen)
|
De S-vormige haak waaraan vlees, spek enz. na het lossnijden uit het lijf worden opgehangen. [N 28, 112; monogr.]
II-1
|
| 30155 |
speklaag |
stroomlaag:
štrǫwmlǭx (L270p Tegelen)
|
Band van natuursteen die in baksteenmetselwerk is aangebracht. Zie ook afb. 44 en het lemma 'Sierlaag'. In Q 111 noemde men een huis met speklagen een 'spekhuis' ('šp'khūs'). [N 31, 31c; monogr.]
II-9
|
| 20702 |
spekpannenkoek |
boekweitskoek:
bôg’keskook (L270p Tegelen),
spekkoek:
sjpekkook (L270p Tegelen),
Syst. Veldeke
sjpekkook (L270p Tegelen),
Syst. WBD
sjpekkook (L270p Tegelen),
sjpekkòk (L270p Tegelen),
spekpannenkoek:
Syst. Veldeke
sjpekpannekook (L270p Tegelen),
Syst. WBD Enkelvoud: -kook
sjpekpannekeu‧k (L270p Tegelen)
|
Pannekoek, heel in het algemeen (struif, flenske, koekebak?) [N 16 (1962)] || spekkoek || Spekpannekoek (spekbraoj?) [N 16 (1962)] || spekpannenkoek van boekweitmeel
III-2-3
|
| 22841 |
spel (alg.) |
spel:
en sjpeuhll (L270p Tegelen),
sjpeul (L270p Tegelen)
|
spel [GTRP (1980-1995)] || Spel.
III-3-2
|
| 25467 |
speld waarmee men de darmen schoonmaakt |
haarspeld:
haarspeld (L270p Tegelen)
|
Een speld, meestal een haarspeld, vouwt men dubbel; de darm wordt tussen deze twee stukken geklemd en dan tussen beide stukken doorgetrokken, waardoor de mest eruit wordt geperst. De darm moet natuurlijk wel nog uitgekookt worden. [N 28, 118]
II-1
|
| 28970 |
spelden |
vastspelden:
vastšpɛltǝ (L270p Tegelen)
|
Met spelden stukken kleding of panden aan elkaar vastspelden. [N 59, 74; L 7, 20; S 34]
II-7
|
| 28884 |
speldenkussen |
speldenkussentje:
spɛldǝkøskǝ (L270p Tegelen)
|
Kussentje waarop men de spelden en naalden steekt. De informant van Q 198 merkt op dat hij de naalden op zijn vest (kamizool) of op een stukje stof aan de muur speldde. Zie afb. 11. [N 59, 13a; N 62 68; L 45, 19; Gi 1.IV, 64; MW; monogr]
II-7
|
| 22383 |
spelen (alg.) |
spelen:
sjpeuhle (L270p Tegelen),
sjpeule (L270p Tegelen, ...
L270p Tegelen)
|
Als je klaar bent mag je gaan spelen. [DC 35 (1963)] || spelen [GTRP (1980-1995)]
III-3-2
|
| 22327 |
spelletje |
spelletje:
Sub spel.
sjpúlke (L270p Tegelen)
|
Spelletje.
III-3-2
|