e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Weert

Overzicht

Gevonden: 7826
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
zwijmelen banzelen: banzǝlǝ (Weert), zwijmelen: zwīmǝlǝ (Weert) Het heen en weer gaan van de standerd. [N O, 42m] || Onvast, langzaam en met moeite gaan, zonder richting te houden. [N 8, 73 en 83] I-9, II-3
zwik zwik: zwek (Weert), zwikpinnetje: zwekpenkǝ (Weert) De iets naar buiten staande punt van een hoefnagel. [N 33, 369] || Het houten pennetje dat dient om het zwikgat dicht te maken. [monogr.; N E, 48d add.] II-11, II-12
zwik van de wagen zwik: zwek (Weert) De dwarsbalk die de vorkhouten onder de bak van de langwagen met elkaar verbindt. [N 17, 42 + 44d; N G, 70f; JG 1b; monogr] I-13
zwoegen poejakken: poejakke (Weert), poeëjakke (Weert), pootaan spelen: poeëtaan spuuële (Weert), schrompen: schrômpe (Weert), zich afpeigeren: zich aafpeigere (Weert) flink doorwerken || hard werken || hard werken [zwoegen, wroeten, adammen, muiken, ploeteren, trimmen, porren] [N 85 (1981)] || hard werken onder minder gunstige omstandigheden || zich bijzonder inspannen, erg veel moeite doen [zich weren, zich uitsloven, weerbieden] [N 85 (1981)] III-1-4
zwoord spekzwaard: Snietj de zwaars mer van daen herst aaf Doojt ¯s ¯n spekzwaars oónger ¯t kroekerraat, dan joónkertj ¯t neet mieër zoeë Eeder ziêne meuch, zag de jónk, vaader ¯t moos en ich ¯t spek  spekzwaars (Weert), zwaard: zwaa:rd (Weert), zwaard (Weert, ... ), zwaars (Weert, ... ), zwaird (Weert) spekzwoerd || zwoerd (van spek) [N 07 (1961)] || zwoert || zwoord (spek~) [SGV (1914)] III-2-3
één frank frank: frang (Weert), ⁄ne frang (Weert) 1 franc, een ~ (wit metaal) [N 21 (1963)] III-3-1