e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... plaats=Opglabbeek

Overzicht

BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
omwalde akker hof: hōf (Opglabbeek) Een akker welke omsloten is door een akkerwal, een brede gracht of door bossen. [N 11, 2e; N 11, 2f; N 27, 3b; A 10, 4; monogr.] I-8
omweiden omzetten: umzętǝ (Opglabbeek) Het geregeld verplaatsen van vee. [N 3A, 11; monogr.] I-11
omzetten omscheppen: omšępǝ (Opglabbeek) Het met de graanschop omkeren van het op de graanzolder uitgespreide graan. [JG 1a, 1b, 2c] I-4
onbelangrijk beetje: bitjə (Opglabbeek), waardeloos: wéérdəlūūs (Opglabbeek) een voorwerp zonder waarde; een zaak van geen enkel belang [nietlig, nietigheid, dodeman, lacheding] [N 91 (1982)] || niet veel [luttel, min, schriel, weinig] [N 91 (1982)] III-4-4
onbeleefd onbeschoft: ŏĕnbəsjōēft (Opglabbeek) niet wellevend, handelend in strijd met de beleefdheid [onbeleefd, bot] [N 87 (1981)] III-3-1
onbetrouwbare koopman jood: ps. omgespeld volgens Frings.  jy(3)̄t (Opglabbeek), jyd (Opglabbeek), judas: ps. omgespeld volgens Frings.  jy(3)̄das (Opglabbeek), sjachelaar: ps. omgespeld volgens Frings.  šaxəlēͅr (Opglabbeek) Inventarisatie uitdrukkingen voor: scheldwoorden of misprijzende woorden kent uw dialect voor een weinig koopkrachtig en onbetrouwbaar koopman [kremmer, toesser, ruilebuiter, voorsnijer?] [N 21 (1963)] III-3-1
onbevruchte ooi mans schaap: mau̯s sxǭp (Opglabbeek) [N 77, 36] I-12
onbewolkt klaar: klaor (Opglabbeek), klòr (Opglabbeek), ps. omgespeld volgens Grootaers.  klōͅr (Opglabbeek), klare lucht: klaor lòcht (Opglabbeek), klòòr lòcht (Opglabbeek), uitgekeerde lucht: uwtgekīērde lòcht (Opglabbeek) klaar, helder [ZND 19A (1936)] || onverduisterd in licht, schijn of glans [helder, klaar, licht] [N 91 (1982)] || wolkenloos, zonder wolken, gezegd van de lucht [uitgekeerd, uitgeklaard, klaar] [N 81 (1980)] III-4-4
onbruikbaar maken, verbruien begaden: bəgáájə (Opglabbeek) onbruikbaar maken, zijn waarde doen verliezen [verworden, verdraaien, begaaien, verbruien, bederven, verpeuteren, nonen, verballemonden] [N 91 (1982)] III-4-4
onderarmsuçon zijnaad: zijnaad (Opglabbeek) Puntnaad die begint onder de oksel. [N 59, 94b] II-7