| 21989 |
tweede |
tweede:
twede enz. geteikende (L331p Swalmen)
|
een duif op de tweede, derde, vierde... plaats op die lijst zetten? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 22039 |
tweede ei |
tweede ei:
tweede ei (L331p Swalmen)
|
Hoe heet verder: het tweede ei? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 32960 |
tweede grasoogst |
tweede loop:
twedǝ lǫu̯p (L331p Swalmen)
|
Het gras dat de koeien afgrazen als ze voor de tweede maal in de wei lopen. [N 14, 129b]
I-3
|
| 32958 |
tweede klaveroogst |
tweede snid:
twēdǝ šnē.t (L331p Swalmen)
|
In verband met de benamingen voor nagras is de informanten ook gevraagd of ze een specifiek woord kenden voor de tweede klaveroogst; hier zijn alleen de opgaven opgenomen die afweken van die voor ''nagras''. [N 14, 128c]
I-3
|
| 23251 |
tweede luiden voor de mis |
luiden:
loeje (L331p Swalmen)
|
Het tweede luiden vóór de hoogmis [tezamen luiden, tsezame loeë]. [N 96A (1989)]
III-3-3
|
| 21648 |
tweede verkoping |
toeslag:
toesjlaag (L331p Swalmen)
|
de tweede verkoping i.v.m. een openbare verkoping van onroerende goederen, waarbij wordt afgemijnd [de toeslag?] [N 21 (1963)]
III-3-1
|
| 21917 |
tweejarige duif |
2e jaar oud:
2de of derde jaor aad (L331p Swalmen)
|
een duif van 2 of 3 jaar? [N 93 (1983)]
III-3-2
|
| 20427 |
tweeling |
tweeling:
tweeling (L331p Swalmen)
|
De woordtypen tweeling, tweerling, kweeling, koppel en de meervoudige begrippen als twee lammetjes duiden op twee schapen, maar tweelingslam, tweelinglam, tweelingslammetje, tweelingsschaap en tweerlinglam wijzen op één lam van een tweeling. [N 77, 138; N 70, 4]
I-12
|
| 34234 |
tweespeen |
tweedemige:
twēdēmegǝ (L331p Swalmen)
|
Koe die slechts uit twee spenen melk geeft. [N 3A, 66]
I-11
|
| 24495 |
twijg, jonge tak |
teen:
WLD
têên (L331p Swalmen),
vits:
wits (L331p Swalmen)
|
Een twijg, een jonge tak (bent, twijg, wis, sprik, tak, teen). [N 82 (1981)]
III-4-3
|