| 21209 |
radio |
radio:
radijo (Q208p Vijlen)
|
een radio-ontvangtoestel [radio] [N 90 (1982)]
III-3-1
|
| 18167 |
rafel |
rafel:
rafels (Q208p Vijlen),
vets:
vetse (Q208p Vijlen)
|
Hoe noemt men de losse draden, die uit een weefsel loslaten? (Nederl. rafels) [DC 31 (1959)]
III-1-3
|
| 18168 |
rafelen |
rafelen:
rif-fe-le (Q208p Vijlen),
riffelen:
refǝlǝ (Q208p Vijlen)
|
rafelen [SGV (1914)] || Uitvezelen van stof. [N 59, 188; N 62, 45a; MW; S 29; monogr.]
II-7, III-1-3
|
| 19576 |
ragebol |
kwispel:
kwespəl (Q208p Vijlen)
|
raagbol [SGV (1914)]
III-2-1
|
| 21164 |
rails |
schinnen:
[vgl. Q 113]
sjinne (Q208p Vijlen)
|
de staven waarop een trein loopt [rails, riels, riggels] [N 90 (1982)]
III-3-1
|
| 24696 |
raket |
ijzerkruid:
iezerkroet (Q208p Vijlen)
|
Gewone raket (sisymbrium officinale 30 tot 70 cm groot. De stengels zijn behaard, de zijtakken groeien afstaand; de bladeren zijn diep ingesneden en gedeeltelijk spiesvormig met 2 slippen aan de voet, de bladeren zijn kort behaard; de bloemen zijn klein [N 92 (1982)]
III-4-3
|
| 19433 |
ramen lappen |
vensteren wassen:
venstər weͅi̯šə (Q208p Vijlen)
|
ramen zemen [DC 15 (1947)]
III-2-1
|
| 19977 |
rammelaar |
rammelaar:
remmelder (Q208p Vijlen)
|
konijn, mannetje [DC 04 (1936)]
III-2-1
|
| 24626 |
rank |
rank:
WLD
rank (Q208p Vijlen),
reng (mv.):
reng (Q208p Vijlen),
slang:
sjlank (Q208p Vijlen)
|
rank [SGV (1914)] || ranken (v.e. wingerd) [SGV (1914)] || Stengel met bladeren, bloemen, etc. die in zichzelf niet voldoende stevigheid bezit om overeind te staan, vooral van klimplanten (reng, rank, rene, tak). [N 82 (1981)]
III-4-3
|
| 33580 |
ranken van de wingerd |
ranken:
reng (Q208p Vijlen)
|
[SGV (1914)]
I-7
|