e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
het in zijn knoken hebben een ziekte onder de leden hebben:   heer heet in zien kneuk (Wolder/Oud-Vroenhoven), heͅ heͅtət en zeͅn knōkə (Paal) III-1-2
het ingewands uithalen de organen verwijderen:   hǝt egǝwantš uthǭlǝ (Oirsbeek) II-1
het invallen helling van een koollaag:   ǝt e.nvalǝ (Kerkrade  [(Wilhelmina)]   [Oranje-Nassau I, Oranje-Nassau III, Oranje-Nassau IV]), ǝt envalǝ (Heerlen  [(Oranje-Nassau I-IV)]  , ... [Wilhelmina]  [Oranje-Nassau I, Oranje-Nassau II, Oranje-Nassau III, Oranje-Nassau IV]), ǝt evalǝ (Bleijerheide  [(Domaniale)]  , ... [Emma]  [Domaniale]  [Domaniale]) II-5
het is roep bij verstoppertje spelen:   t ès (Kanne), tes (Koninksem) III-4-4, III-4-4
het is aan de avond schemering, valavond:   ’t is aan den aovend (Reuver) I-5
het is aan het schemeren schemeren: Geen zelfstandig naamwoord; enkel het werkwoord wordt gebruikt.  (h)et ès an`t scheemere (Hasselt) III-2-2
het is aan het werk kiemen, schieten, botten van pootaardappelen:   t ęs˱ ān t wɛ.rǝk (Tongerlo)
het is af een blauwtje lopen:   ’t is af (Jeuk, ... ), ’t és ôôf (Tongeren) , III-2-2, III-2-2
het is af tussen die twee een blauwtje lopen:   ’t és ôôf tùssë diej twee (Tongeren) III-3-2
het is afgeketst een blauwtje lopen: aafketsen  het is aafgeketst (Eksel)