| 24177 |
nestkek |
jongste vogeltje uit het nest:
nèèstgèk (L164p Gennep)
III-4-1
|
|
| 24177 |
nestkekje |
jongste vogeltje uit het nest:
niskeksje (Q222p Vaals)
III-4-1
|
|
| 22040 |
nestkom |
broedschotel:
neskomp (Q027p Doenrade),
niskomp (Q027p Doenrade)
III-3-2
|
|
| 20334 |
nestkuiken |
jongste kind:
neskuuche (Q121p Kerkrade),
nestkuiken
neihskuukə (Q222p Vaals)
III-2-2
|
|
| 24270 |
nestkwaggel |
vogeltje dat nog niet kan vliegen:
nēēskwāGGəl (Q117p Nieuwenhagen)
III-4-1
|
|
| 21913 |
nestkwak |
jong dat pluimen begint te krijgen (zn.):
Algemene opmerking bij deze vragenlijst: zie ook bijlagevellen met (eventuele) aanvullingen en diverse toelichtingen.
én nést-kwâk (L214p Wanssum)
III-3-2
|
|
| 22041 |
nestmateriaal |
strooisel:
Opm. v.d. invuller: bijv. tabakstengels.
nismateriaal (Q027p Doenrade),
Opm. v.d. invuller: dit woord thans niet meer in gebruik.
nèstmateriaal (Q021p Geleen)
III-3-2
|
|
| 22296 |
nestpaar |
nestpaar:
Een duivin legt n.l. slechts twee eieren per broedsel.
ze zién nêspäor (Q193p Gronsveld)
III-3-2
|
|
| 21909 |
nestpinner |
duif uit het laatste nest van het jaar:
mispenner (Q201p Wijlre),
nestpenner (K359p Koersel, ...
Q171p Vlijtingen),
nèspenner (Q168a Rijkhoven),
(m.).
neͅ.sp‧ɛnər (Q202p Eys),
(toegift).
nestpenner (Q162p Tongeren),
Algemene opmerking bij deze vragenlijst: invuller heeft hierbij twee bijlagevellen bijgevoegd, t.w.
nèspênner (Q083p Bilzen),
Opm. v.d. invuller: die raaft niet uit.
nestpender (P219p Jeuk)
III-3-2
|
|
| 29589 |
nestpot |
nestkan:
nęspǫt (L270p Tegelen)
II-8
|
|